Nieuwe Bijbelvertaling (NBV)
111

1111Halleluja!

Ik wil de HEER loven met heel mijn hart

in de grote kring van oprechten.111:1-10 Psalm 111 is een acrostichon: de versregels beginnen steeds met een volgende letter van het Hebreeuwse alfabet.

2Machtig zijn de werken van de HEER,

wie ze liefheeft, onderzoekt ze.

3

111:3-4
Ps. 112:3-4
Zijn daden hebben glans en glorie,

zijn rechtvaardigheid houdt stand, voor altijd.

4

111:4
Ps. 103:8
Hij stelde een gedenkdag in voor zijn wonderen,

genadig en liefdevol is de HEER.

5Hij gaf voedsel aan wie hem vrezen,

eeuwig gedenkt hij zijn verbond.

6Hij toonde zijn volk de kracht van zijn daden

en gaf hun het land van andere volken.

7Waarheid en recht zijn het werk van zijn handen,

uit al zijn regels blijkt zijn trouw,

8ze zijn onwrikbaar, voor altijd en eeuwig,

gemaakt volgens waarheid en recht.

9Hij heeft zijn volk verlossing gebracht,

voor eeuwig zijn verbond ingesteld.

Heilig en ontzagwekkend is zijn naam.

10

111:10
Job 28:28
Spr. 1:7
9:10
Het begin van wijsheid is ontzag voor de HEER,

wie leeft naar zijn wet, getuigt van goed inzicht.

Zijn roem houdt stand, voor altijd.

112

1121

112:1
Ps. 1:1-2
Halleluja!

Gelukkig de mens met ontzag voor de HEER

en met liefde voor zijn geboden.112:1-10 Psalm 112 is een acrostichon: de versregels beginnen steeds met een volgende letter van het Hebreeuwse alfabet.

2Zijn nageslacht geniet aanzien in het hele land,

de oprechten worden gezegend.

3

112:3
Ps. 111:3
Rijkdom en weelde bewonen zijn huis,

en zijn rechtvaardigheid houdt stand, voor altijd.

4

112:4
Ps. 37:6
Jes. 58:10
Hij straalt voor de oprechten als licht in het duister,

genadig, liefdevol en rechtvaardig.

5Goed gaat het wie genadig is en vrijgevig,

wie zijn zaken eerlijk behartigt.

6De rechtvaardige komt nooit ten val,

men zal hem eeuwig gedenken.

7Voor een vals gerucht zal hij niet vrezen,

hij is standvastig en vertrouwt op de HEER.

8Standvastig is zijn hart en zonder vrees.

Aan het eind ziet hij zijn vijanden verslagen.

9

112:9
Ps. 89:18
2 Kor. 9:9
Gul deelt hij uit aan de armen,

zijn rechtvaardigheid houdt stand, voor altijd,

hij zal stijgen in aanzien en eer.

10Kwaadwilligen zien het met ergernis aan,

ze verbijten zich en verliezen de moed,

al hun plannen gaan op in rook.

113

1131Halleluja!

Loof, dienaars van de HEER,

loof de naam van de HEER.

2De naam van de HEER zij geprezen

van nu tot in eeuwigheid.

3Van waar de zon opkomt tot waar zij ondergaat,

zij geloofd de naam van de HEER.

4Verheven boven alle volken is de HEER,

verheven boven de hemel zijn luister.

5

113:5
Ps. 89:7-9
Wie is gelijk aan de HEER, onze God,

die hoog daar boven zijn woning heeft,

6die zijn oog richt naar beneden,

wie in de hemel en op de aarde?

7

113:7
1 Sam. 2:8
Hij verheft uit het stof wie berooid is,

uit het vuil tilt hij op wie alles ontbeert.

8Hij laat hem wonen bij hooggeplaatsten,

bij de hoogsten van zijn volk.

9

113:9
1 Sam. 2:5
De onvruchtbare vrouw laat hij wonen in het huis,

een vrolijke moeder van kinderen.

Halleluja!

Door deze website verder te gebruiken ga je akkoord met plaatsing en gebruik van cookies door het NBG en derden conform onze privacyverklaring.[bericht verbergen]