Bijbel in Gewone Taal (BGT)

161Mensen twijfelen over allerlei dingen,

maar de Heer beslist wat er gebeurt.

2Mensen denken altijd van zichzelf dat ze goed leven,

maar de Heer kijkt of ze echt eerlijk zijn.

3Vertrouw op de Heer bij alles wat je doet.

Dan zullen al je plannen slagen.

4De Heer heeft alles gemaakt met een bedoeling.

Ook met slechte mensen heeft hij een plan:

die zal hij straffen op de dag dat hij komt.

5De Heer heeft een hekel aan mensen die zichzelf geweldig vinden.

Zij zullen zeker gestraft worden.

6De Heer vergeeft al je fouten, want hij is trouw en vol liefde.

Als je eerbied hebt voor de Heer, doe je nooit iets verkeerds.

7Als je leeft zoals de Heer het wil,

zullen zelfs vijanden vrede met je sluiten.

8Je kunt beter arm zijn en eerlijk,

dan rijk en oneerlijk.

9Mensen maken plannen voor hun leven,

maar de Heer bepaalt wat er gebeurt.

Spreuken over de koning

10Het oordeel van een koning is altijd juist,

want de Heer helpt hem als hij rechtspreekt.

11De Heer is een eerlijke rechter.

Hij bepaalt de straffen van mensen.

12Een koning blijft alleen heersen als zijn volk goed leeft.

Daarom heeft hij een hekel aan oneerlijke mensen.

13Een koning houdt van mensen die de waarheid spreken,

hij heeft eerlijke mensen lief.

14Een woedende koning kan mensen doden.

Daarom moeten wijze mensen hem rustig maken.

15Een vriendelijke koning geeft mensen kracht om te leven,

net zoals regen aan planten kracht geeft om te groeien.

Spreuken over wijs en goed leven

16Wijsheid is meer waard dan zilver,

en inzicht is kostbaarder dan goud.

17Als je eerlijk bent, doe je nooit iets verkeerds.

Als je goed probeert te zijn, zul je blijven leven.

18Als je jezelf geweldig vindt, gaat het fout met je,

het loopt verkeerd met je af.

19Je kunt beter eenvoudig leven met arme mensen,

dan in rijkdom leven met mensen die zichzelf geweldig vinden.

Spreuken over wijze mensen

20Als je goed luistert, zul je een goed leven hebben.

Als je op de Heer vertrouwt, zul je gelukkig zijn.

21Als je wijs bent, zullen mensen je verstandig noemen.

Als je wijze woorden spreekt, zullen mensen naar je luisteren.

22Als je inzicht hebt, krijg je een lang leven.

Als je dwaas bent, is dwaasheid je straf.

23Als je wijs bent, zeg je verstandige dingen.

Dan zullen de mensen naar je luisteren.

24Vriendelijke woorden geven mensen kracht,

net zoals zoete honing mensen sterk maakt.

25Soms denken mensen dat ze goed leven,

maar als ze sterven, blijkt dat ze slecht geleefd hebben.

26Mensen werken hard omdat ze moeten eten.

Anders sterven ze van de honger.

Spreuken over slechte mensen

27Slechte mensen zorgen voor veel ellende.

Met hun woorden maken ze alles kapot.

28Mensen die roddelen, veroorzaken ruzie.

Ze zorgen ervoor dat zelfs vrienden elkaar gaan haten.

29Slechte mensen bedriegen zelfs hun vrienden,

en ze zorgen ervoor dat ook zij verkeerd gaan leven.

30Mensen die doen alsof ze onrecht niet zien, doen zelf ook kwaad.

Mensen die doen alsof ze leugens niet horen, zijn zelf ook bedriegers.

Spreuken over allerlei dingen

31Als je goed en eerlijk leeft, zul je heel oud worden.

Oud worden is een prachtig geschenk.

32Je kunt beter geduldig zijn dan sterk,

je kunt beter rustig blijven dan iemand aanvallen.

33Mensen werpen het lot om hun toekomst te voorspellen,

maar de Heer bepaalt wat er gebeurt.