Bijbel in Gewone Taal (BGT)
15

Spreuken over goede woorden

151Boze mensen worden rustig als je vriendelijk tegen hen bent,

maar ze worden woedend als je hen beledigt.

2Wijze mensen laten door hun woorden zien dat ze wijs zijn,

maar dwaze mensen zeggen alleen maar domme dingen.

3De Heer ziet alles wat mensen doen,

hij let op goede en op slechte mensen.

4Vriendelijke woorden geven mensen kracht om te leven,

maar boze woorden maken mensen kapot.

Spreuken over goede en slechte mensen

5Dwaze kinderen luisteren niet naar de lessen van hun ouders.

Kinderen die wel luisteren, zijn verstandig.

6Goede mensen hebben een rijk leven,

maar slechte mensen krijgen alleen maar ellende.

7De woorden van wijze mensen geven inzicht,

maar van de woorden van dwaze mensen leer je niets.

8De Heer vindt offers van slechte mensen afschuwelijk,

maar het gebed van goede mensen hoort hij graag.

9De Heer vindt het afschuwelijk als mensen slecht leven,

maar hij houdt van mensen die goed willen leven.

10Als je verkeerd gaat leven, word je streng gestraft.

Als je niet luistert naar waarschuwingen, zul je sterven.

11De Heer weet alles van het land van de dood.

Dan weet hij zeker alles van de mensen die nog leven.

12Mensen die anderen bespotten, kunnen zelf niet tegen kritiek.

Ze luisteren nooit naar goede raad.

Spreuken over een gelukkig leven

13Als je vrolijk bent, komt er een lach op je gezicht,

maar als je verdrietig bent, voel je pijn in je hart.

14Verstandige mensen willen steeds wijzer worden,

maar dwaze mensen blijven liever dom.

15Als je arm bent, is het leven zwaar,

maar als je vrolijk bent, geniet je van elke dag.

16Je kunt beter arm zijn en eerbied hebben voor de Heer,

dan rijk zijn en leven in angst.

17Je kunt beter een eenvoudige maaltijd hebben en liefde,

dan een groot feestmaal en haat.

18Als je snel boos wordt, maak je een ruzie erger.

Blijf dus kalm, dan houdt de ruzie vanzelf op.

Spreuken over wijze en dwaze mensen

19Mensen die lui zijn, hebben een moeilijk leven,

maar het leven van eerlijke mensen is makkelijk.

20Wijze kinderen geven hun ouders vreugde.

Dwaze kinderen hebben voor hun ouders geen enkel respect.

21Onverstandige mensen genieten van domheid.

Verstandige mensen doen precies de juiste dingen.

22Plannen mislukken door te weinig overleg,

maar ze slagen door veel goede raad.

23Het is fijn als iemand precies het goede zegt.

Goede woorden op het juiste moment zijn geweldig!

24Verstandige mensen hebben een lang leven.

Ze blijven ver van het land van de dood.

Spreuken over slechte mensen

25De Heer vernietigt de huizen van mensen die zichzelf geweldig vinden,

maar hij beschermt het bezit van mensen zonder macht.

26De Heer vindt slechte plannen afschuwelijk,

maar hij houdt van vriendelijke woorden.

27Mensen die zich laten omkopen, zullen sterven,

maar mensen die altijd eerlijk zijn, zullen in vrede leven.

Spreuken over luisteren

28Goede mensen denken eerst na voordat ze antwoord geven.

De woorden van slechte mensen brengen alleen maar ellende.

29De Heer luistert niet naar slechte mensen,

hij hoort alleen het gebed van goede mensen.

30Een vriendelijke blik maakt mensen blij,

en een goed bericht geeft mensen kracht.

31Je bent wijs als je leert van het leven.

32Als je niet luistert naar kritiek, blijf je dom,

maar als je luistert naar goede raad, word je wijs.

Spreuken over de Heer

33Als je eerbied hebt voor de Heer, word je steeds wijzer.

Als je bescheiden bent, krijgen mensen respect voor je.

16

161Mensen twijfelen over allerlei dingen,

maar de Heer beslist wat er gebeurt.

2Mensen denken altijd van zichzelf dat ze goed leven,

maar de Heer kijkt of ze echt eerlijk zijn.

3Vertrouw op de Heer bij alles wat je doet.

Dan zullen al je plannen slagen.

4De Heer heeft alles gemaakt met een bedoeling.

Ook met slechte mensen heeft hij een plan:

die zal hij straffen op de dag dat hij komt.

5De Heer heeft een hekel aan mensen die zichzelf geweldig vinden.

Zij zullen zeker gestraft worden.

6De Heer vergeeft al je fouten, want hij is trouw en vol liefde.

Als je eerbied hebt voor de Heer, doe je nooit iets verkeerds.

7Als je leeft zoals de Heer het wil,

zullen zelfs vijanden vrede met je sluiten.

8Je kunt beter arm zijn en eerlijk,

dan rijk en oneerlijk.

9Mensen maken plannen voor hun leven,

maar de Heer bepaalt wat er gebeurt.

Spreuken over de koning

10Het oordeel van een koning is altijd juist,

want de Heer helpt hem als hij rechtspreekt.

11De Heer is een eerlijke rechter.

Hij bepaalt de straffen van mensen.

12Een koning blijft alleen heersen als zijn volk goed leeft.

Daarom heeft hij een hekel aan oneerlijke mensen.

13Een koning houdt van mensen die de waarheid spreken,

hij heeft eerlijke mensen lief.

14Een woedende koning kan mensen doden.

Daarom moeten wijze mensen hem rustig maken.

15Een vriendelijke koning geeft mensen kracht om te leven,

net zoals regen aan planten kracht geeft om te groeien.

Spreuken over wijs en goed leven

16Wijsheid is meer waard dan zilver,

en inzicht is kostbaarder dan goud.

17Als je eerlijk bent, doe je nooit iets verkeerds.

Als je goed probeert te zijn, zul je blijven leven.

18Als je jezelf geweldig vindt, gaat het fout met je,

het loopt verkeerd met je af.

19Je kunt beter eenvoudig leven met arme mensen,

dan in rijkdom leven met mensen die zichzelf geweldig vinden.

Spreuken over wijze mensen

20Als je goed luistert, zul je een goed leven hebben.

Als je op de Heer vertrouwt, zul je gelukkig zijn.

21Als je wijs bent, zullen mensen je verstandig noemen.

Als je wijze woorden spreekt, zullen mensen naar je luisteren.

22Als je inzicht hebt, krijg je een lang leven.

Als je dwaas bent, is dwaasheid je straf.

23Als je wijs bent, zeg je verstandige dingen.

Dan zullen de mensen naar je luisteren.

24Vriendelijke woorden geven mensen kracht,

net zoals zoete honing mensen sterk maakt.

25Soms denken mensen dat ze goed leven,

maar als ze sterven, blijkt dat ze slecht geleefd hebben.

26Mensen werken hard omdat ze moeten eten.

Anders sterven ze van de honger.

Spreuken over slechte mensen

27Slechte mensen zorgen voor veel ellende.

Met hun woorden maken ze alles kapot.

28Mensen die roddelen, veroorzaken ruzie.

Ze zorgen ervoor dat zelfs vrienden elkaar gaan haten.

29Slechte mensen bedriegen zelfs hun vrienden,

en ze zorgen ervoor dat ook zij verkeerd gaan leven.

30Mensen die doen alsof ze onrecht niet zien, doen zelf ook kwaad.

Mensen die doen alsof ze leugens niet horen, zijn zelf ook bedriegers.

Spreuken over allerlei dingen

31Als je goed en eerlijk leeft, zul je heel oud worden.

Oud worden is een prachtig geschenk.

32Je kunt beter geduldig zijn dan sterk,

je kunt beter rustig blijven dan iemand aanvallen.

33Mensen werpen het lot om hun toekomst te voorspellen,

maar de Heer bepaalt wat er gebeurt.

17

171Je kunt beter een stuk droog brood hebben en vrede,

dan een groot feestmaal en ruzie.

2Een wijze slaaf zal de plaats innemen van een dwaze zoon,

en hij zal met de andere zonen de erfenis delen.

3De Heer onderzoekt of onze gedachten goed zijn,

net zoals een smid kijkt of zilver en goud zuiver zijn.

Spreuken over leugens en bedrog

4Slechte mensen luisteren graag naar slechte woorden,

bedriegers luisteren graag naar leugens.

5Als je zwakke mensen onderdrukt, beledig je God.

Als je geniet van de ellende van anderen, word je gestraft.

6Het grootste geschenk voor grootouders zijn hun kleinkinderen,

en kinderen zijn trots op hun ouders.

7Het is vreemd als dwaze mensen mooie woorden spreken,

maar het is nog vreemder als goede mensen liegen.

8Mensen die anderen omkopen met geschenken,

denken dat ze daarmee overal succes zullen hebben.

9Als je je vrienden niet wilt verliezen, moet je hun fouten vergeven.

Want anders raak je de vriendschap kwijt.

Spreuken over ruzie en boosheid

10Verstandige mensen leren meer van één boze blik,

dan dwaze mensen leren van honderd strenge straffen.

11Ongehoorzame mensen willen alleen maar ruzie.

Daarom zullen ze streng gestraft worden.

12Het is gevaarlijker om een dwaas tegen te komen,

dan een berin waarvan de jongen zijn weggehaald.

13Als je slecht bent voor iemand die goed is voor jou,

zul je altijd in ellende leven.

14Een ruzie lijkt op een dijk die doorbreekt:

één verkeerd woord kan veel ellende veroorzaken.

15De Heer wil niet dat onschuldige mensen worden gestraft,

en dat schuldige mensen worden vrijgesproken.

Spreuken over het omgaan met anderen

16Als je dwaas bent, heb je niets aan geld,

want van geld word je niet wijs.

17Een vriend blijft je altijd trouw.

Een broer of zus helpt je in moeilijke tijden.

18Het is dom om de schulden van een ander te betalen.

Je bent een dwaas als je dat plechtig belooft.

19Mensen die graag ruziemaken, houden van geweld.

Mensen die spotten met anderen, worden zwaar gestraft.

20Onbetrouwbare mensen vinden geen geluk.

Mensen die liegen, komen in moeilijkheden.

21Dwaze kinderen doen hun ouders verdriet.

Ze geven hun ouders geen vreugde.

22Vrolijke gedachten houden je gezond,

maar sombere gedachten maken je ziek.

Spreuken over slechte mensen

23Slechte mensen zijn oneerlijk.

Ze laten andere mensen kwaad doen,

en betalen hen daarvoor.

24Verstandige mensen zoeken altijd naar wijsheid,

maar dwaze mensen zijn altijd zinloos bezig.

25Dwaze kinderen doen hun vader verdriet,

ze doen hun moeder pijn.

26Je mag onschuldige mensen geen boete geven.

Je mag goede en eerlijke mensen niet straffen.

Spreuken over zwijgen

27Verstandige mensen denken na voordat ze iets zeggen.

Wijze mensen blijven altijd kalm.

28Zelfs dwaze mensen lijken verstandig als ze zwijgen,

en domme mensen lijken wijs als ze hun mond houden.