Artikel

mensenoffer

In de wereld van het Oude Testament vonden mensenoffers plaats, maar waarschijnlijk alleen in zeer uitzonderlijke gevallen. God veroordeelde deze (kinder)offers streng.

Waarom vonden deze offers plaats?

Er konden zowel volwassenen als kinderen geofferd worden. De koning van Moab offert zijn oudste zoon om een oorlog af te wenden (2 Koningen 3:27). De rechter Jefta offert zijn dochter om een gelofte in te lossen (Rechters 11:30-40).

Mensenoffers bij andere volken

Ook bij de volken rondom de Israëlieten (bij de Egyptenaren, Feniciërs, Grieken en Romeinen) vonden mensenoffers plaats.
Bij de Egyptenaren werden gevangenen of vreemdelingen soms gebruikt voor mensenoffers. Maar dat gebruik werd al vroeg vervangen door een ritueel met kleipoppetjes.

Moloch

In het Oude Testament wordt Moloch genoemd als een god aan wie mensenoffers gebracht werden. Dat gebeurde door kinderen door het vuur te laten lopen. De Bijbel spreekt hier zeer veroordelend over, onder andere in Leviticus 20:2-5 en Jeremia 32:35. Toch deden volgens 2 Koningen 16-17 ook de Israëlitische koningen Achaz en Hosea eraan mee. Pas in de tijd van koning Josia werd de verering van Moloch in Israël afgeschaft.

Eerstgeboren zonen

Eerstgeborenen moesten volgens de wet ook aan God gewijd worden. Maar voor mensen werd dat afgekocht met een geldbedrag (zie onder andere Exodus 13:13 en Numeri 3:45). Alleen de oudste jongen van dieren mochten wel geofferd worden.

Jozua 6:26

In Jozua 6:26 wordt gewaarschuwd dat degene die Jericho weer opbouwt, dat zal doen ten koste van zijn oudste en jongste zoon. Dat gebeurt ook daadwerkelijk in 1 Koningen 16:34. Of het hier ook om kinderoffers gaat, is echter niet op te maken uit de tekst.

 

Bijbelverzen

  • Rechters 11:30-40
  • 2 Koningen 16-17
  • Jeremia 32:35
  • Leviticus 20:2-5
  • 2 Koningen 16:3