Artikel

gemeente: onenigheid

De gemeenteleden in de vroege kerk voelden zich nauw met elkaar verbonden. Ze zagen elkaar als leden van één familie en spraken elkaar aan met broeder en zuster. Tegelijk was er ook  onenigheid, bijvoorbeeld over:

  • het prestige van de verschillende leraren
  • financiële kwesties
  • de plaats van niet-Joden in de gemeente

De plaats van niet-Joden in de gemeente

De grootste onenigheid in het Nieuwe Testament gaat over het opnemen van niet-Joden in de van oorsprong Joodse gemeentes. Er waren felle discussies:

  • Moet een gemeente van Joden en niet-Joden zich bij de gemeenschappelijke maaltijd aan alle Joodse voedselvoorschriften houden?
  • Mogen niet-Joodse leden van de gemeente blijven deelnemen aan de heidense offermaaltijden? Zulke maaltijden hadden een centrale plaats in het sociale leven?