Artikel

moord

Moord was een ernstig misdrijf, zowel volgens de wetten van het Oude Testament, als in het Nieuwe Testament. Het verbod op moord is één van de tien geboden.

Moord en doodslag

In de oudtestamentische wetten wordt er onderscheid gemaakt tussen moord en doodslag:

  • Moord is doden met voorbedachten rade, bijvoorbeeld uit jaloezie. Een ander voorbeeld van moord uit het Oude Testament is nalatigheid bij een dolle stier: als iemand bewust niets doet tegen een dolle stier uit zijn kudde, en die stier vervolgens iemand doodt, wordt dat gezien als moord. Bij moord moest de dader gestraft worden.
  • Doodslag is doden per ongeluk, bijvoorbeeld doordat het blad van een bijl losraakt tijdens het houthakken. In geval van doodslag kon iemand vluchten naar een vrijplaats, waar hij veilig was. In zulke gevallen mocht er geen bloedwraak gepleegd worden. De dader kon dan na een proces vrijuit gaan.

Uitzonderingen

Er waren wel uitzonderingen op de strafbaarheid van moord of doodslag: 

  • Bloedwraak werd niet gezien als moord. Daarom was de daad van een bloedwreker uitgesloten van nieuwe bloedwraak.
  • In de praktijk was ook het doden tijdens een oorlog toegestaan. De Israëlieten doodden immers vijanden van God.
  • Als iemand tijdens een gevecht neergeslagen werd, weer opstond, maar enige tijd later toch overleed, werd de dader niet voor doodslag gestraft. (Exodus 21:20-21)

Als de moordenaar onbekend was

Als er iemand vermoord was, maar de moordenaar was onbekend, moest er een reinigingsritueel uitgevoerd worden.
De oudsten en rechters van de dichtstbijzijnde stad moesten volgens Deuteronomium 21:1-9 de nek van een jonge koe breken en hun handen wassen. Ondertussen moesten ze hardop zeggen dat zij de moord niet gepleegd hadden. Zo werd de stad bevrijd van de bloedschuld.

Bijbelverzen

  • Exodus 20:13
  • Exodus 21:18-21
  • Deuteronomium 5:17
  • Deuteronomium 21:1-9
  • Marcus 7:21
  • Numeri 35:9-34
  • Marcus 15:7
  • Exodus 21:29
  • Matteüs 5:21-22
  • Marcus 12:5-8
  • Genesis 4:8-16