Artikel

farizeeën en de rabbijnse literatuur

In de rabbijnse literatuur die ontstond na de verwoesting van Jeruzalem in 70 na Christus, worden de ideeën en tradities van de farizeeën uitgewerkt. Ook krijgt in deze literatuur een aantal personen een belangrijke plek die op andere plaatsen genoemd worden als vooraanstaande farizeeën (bijvoorbeeld Gamaliël, zie Handelingen 5:33-39).

De informatiebron over farizeeën?

Er is veel onduidelijkheid over de precieze identiteit en de feitelijke invloed van de farizeeën. De geschiedschrijver Josephus en het Nieuwe Testament schrijven op een vanzelfsprekende manier over ‘de farizeeën’. Maar het is lastig op basis van deze geschriften iets te zeggen over wie de farizeeën waren. Iets vergelijkbaars geldt voor de rabbijnse literatuur. Het is een belangrijke bron van informatie, maar ze is ook pas in een tijd ontstaan dat er geen farizeeën meer waren. Daardoor is het vaak lastig om in te schatten hoe betrouwbaar de informatie is die gegeven wordt.

De invloed van de oorlog tegen Rome

De ideeën van de farizeeën werden opgenomen in de rabbijnse literatuur, maar niet zonder ingrijpende wijzingen. Die wijzigingen zullen wel vooral samenhangen met de grote verandering in de Joodse samenleving na de oorlog tegen Rome (66-70 na Christus). De sadduceeën en essenen verdwenen toen van het toneel, en de farizeeën kregen de interne leiding. Zij zetten nieuwe sociale en religieuze structuren op, en vormden het jodendom zoals we dat uit de rabbijnse literatuur kennen.

Bijbelverzen

  • Handelingen 22:3
  • Handelingen 5:34