11De HEER zal macht aan zijn volk verlenen,
de HEER zal zijn volk zegenen met vrede.
17Dan zal de gerechtigheid vrede stichten,
ze brengt rust en vertrouwen voor altijd.
18Mijn volk zal wonen in een oase van vrede,
een veilige woonplaats,
een oord van rust en zorgeloosheid.
1Nu wij rechtvaardig verklaard zijn op grond van geloof, leven we in vrede met God, door onze Heer Jezus Christus.
33Ik heb dit gezegd opdat jullie vrede vinden bij Mij. Jullie zullen het zwaar te verduren krijgen in de wereld, maar houd moed: Ik heb de wereld overwonnen.’
22Maar de vrucht van de Geest is liefde, vreugde en vrede, geduld, vriendelijkheid en goedheid, geloof,
33De God van de vrede zij met u allen. Amen.
24“Moge de HEER u zegenen en u beschermen,
25moge de HEER het licht van zijn gelaat over u doen schijnen en u genadig zijn,
26moge de HEER u zijn gelaat toewenden en u vrede geven.”
9In vrede leg ik mij neer
en meteen slaap ik in,
want U, HEER, laat mij wonen
in een vertrouwd en veilig huis.
27Ik laat jullie vrede na; mijn vrede geef Ik jullie, zoals de wereld die niet geven kan. Maak je niet ongerust en verlies de moed niet.
7Dan zal de vrede van God, die alle verstand te boven gaat, uw hart en gedachten in Christus Jezus bewaren.
3Genade zij u en vrede van God, onze Vader, en van de Heer Jezus Christus.