trouw van God
Artikel

trouw van God

Mensen zijn niet altijd betrouwbaar en laten het soms afweten. Maar dat geldt niet voor God. Hij blijft altijd trouw. Ook als mensen je in de steek laten, kun je rekenen op Gods trouw.

Verbondstrouw

God is trouw in zijn spreken en in zijn handelen. Als God iets belooft, dan doet hij het ook. Een duidelijk voorbeeld van Gods trouw is zijn verbond met het volk van Israël. God heeft met Abraham, de stamvader van de Israëlieten, een verbond gesloten (Genesis 17:2). God houdt zich steeds aan deze afspraak, ook als de nakomelingen van Abraham hun eigen weg gaan en andere goden gaan vereren. Steeds besluit God om naar zijn volk om te zien en zich te houden aan zijn belofte (Jeremia 29:10).

Eeuwig duurt zijn trouw

Betrouwbaarheid is een van Gods belangrijkste eigenschappen. Ook als mensen God vergeten, laat hij hen niet los. God wil en kan niet anders dan trouw zijn:

‘HEER, hoog als de hemel is uw liefde,
tot in de wolken reikt uw trouw.’ (Psalm 36:6)

‘de HEER is goed,
zijn liefde duurt eeuwig,
zijn trouw van geslacht op geslacht’ (Psalm 100:5)

‘Wie is een God als u,
die schuld vergeeft
en aan zonde voorbijgaat?
U blijft niet woedend
op wie er van uw volk nog over zijn;
liever toont u hun uw trouw.’ (Micha 7:18)

‘Als wij hem ontrouw zijn, blijft hij ons trouw, want zichzelf verloochenen kan hij niet.’ (2 Timoteüs 2:13)

Trouw aan God en aan elkaar

Omdat God trouw aan ons is, verwacht hij ook dat wij trouw zijn aan hem. God vraagt van ons dat we leven in verbondenheid met hem. Hij wil dat we hem oprecht dienen en ons aan zijn voorschriften houden.
God vraagt ook van ons dat we trouw zijn aan elkaar. Niet alleen in de dingen die we zeggen, maar ook in de dingen die we doen. We moeten eerlijk en oprecht zijn in ons doen en laten, zodat andere mensen ons kunnen vertrouwen. Door dit gedrag kunnen we laten zien dat we dicht bij God leven.

‘Maar wie oprecht handelt zoekt het licht op, zodat zichtbaar wordt dat God werkzaam is in alles wat hij doet.’ (Johannes 3:21)

Bijbelverzen

  • Psalmen 36:6
  • Psalmen 89:9
  • Jeremia 29:10
  • Micha 7:18
  • Johannes 3:21
  • 1 Tessalonicenzen 5:24
  • Genesis 17:2
  • Psalmen 100:5
  • 2 Timoteüs 2:13
  • Romeinen 3:3