Artikel

gebed

Bidden is een bijzondere manier van spreken tot God. Wie bidt, kan God eren, hem danken of hem om een gunst vragen, maar ook klagen of boete doen.

Term 'gebed'

In het Hebreeuws en het Grieks is er geen term die vergelijkbaar is met het Nederlandse ‘gebed’. De woorden die in het Bijbel gebruikt worden wijzen op verschillende aspecten van wat wij ‘gebed’ noemen, bijvoorbeeld:

  • danken
  • roepen
  • voorbede doen
  • zegenen
  • eren

Vrij gebed

In het Oude Testament is het gebed vaak een vrij gebed, uitgesproken bij een bepaalde gelegenheid. Zo bidt Hanna bij de tempel van Silo om een zoon. Ze bidt in stilte en beweegt alleen haar lippen. Uit de reactie van Eli blijkt dat dat ongewoon was. Na de geboorte van Samuel spreekt Hanna een dankgebed uit, de woorden die ze dan gebruikt klinken als een vaste formulering, te vergelijken met de Psalmen.

Vaste vormen

Pas in de latere bijbelboeken, van na de Babylonische ballingschap, verschijnen er gebeden met vaste vormen en voor vaste momenten. Daniël bijvoorbeeld bidt drie keer per dag in de richting van Jeruzalem, een manier van bidden die samenhangt met de dagelijkse offercultus in de tempel. Ook is deze ontwikkeling te zien aan de gebeden in de Toevoegingen aan Daniël en in Ester (Grieks).

Nieuwe Testament

In het Nieuwe Testament zien we dat Jezus doorgaat met de traditie van persoonlijke gebeden die je al in de Psalmen ziet. Zowel Jezus als Paulus leert dat je steeds moet blijven bidden (Lucas 11:5-13 en 1 Tessalonicenzen 5:17). Jezus legt hierbij de nadruk op onophoudelijk bidden om rechtvaardigheid voor armen en onderdrukten (Lucas 18:1-8). Het meest bekend is het gebed dat Jezus zijn leerlingen leert als ze hem vragen hoe ze moeten bidden, het Onzevader (Matteüs 6:9-13; Lucas 11:2-4).

Bijbelverzen

  • Daniël 6:11
  • Matteüs 6:9-13
  • Lucas 18:1-8
  • Lucas 11:5-13
  • Judit 9:1
  • 1 Samuel 1:10-13