Boaz
Artikel

Boaz

Boaz is een rijke boer uit Betlehem. Hij trouwt met de weduwe Ruth die afkomstig is uit Moab. Boaz en Ruth krijgen een zoon die Obed wordt genoemd. Hij is de grootvader van koning David.

De naam Boaz

De naam Boaz betekent: In hem is kracht. Deze naam onderstreept dat Boaz een rijk en belangrijk man was (Ruth 2:1).
Boaz is een kleinzoon van Nachson, een leider van de stam Juda (1 Kronieken 2:10). Ook is hij familie van Elimelech, de schoonvader van Ruth.

Boaz en Ruth

Als Ruth aren gaat verzamelen voor haar schoonmoeder Noömi en haarzelf, komt ze toevallig terecht op een akker van Boaz, bij Betlehem. Omdat Boaz goede dingen over Ruth heeft gehoord, zegt hij tegen haar dat ze aren op mag rapen op zijn land totdat de hele oogst is binnengehaald.
Op een nacht gaat Ruth naar Boaz toe als hij op de dorsvloer ligt te slapen. Ze vraagt of hij bereid is als losser op te treden en de akker van Noömi te kopen, zodat het land in de familie blijft. Ook vraagt ze of hij met haar een zwagerhuwelijk wil sluiten, om ervoor te zorgen dat haar overleden echtgenoot een nakomeling krijgt.

Losserschap en zwagerhuwelijk

Boaz is bereid te doen wat Ruth vraagt, maar er is een ander familielid dat hiervoor eerder in aanmerking komt. De volgende morgen wacht Boaz die andere man op bij de stadspoort, en vraagt hem of hij gebruik wil maken van zijn recht.
Die man is wel bereid het stuk land te kopen, maar kan het zich niet veroorloven Ruth tot vrouw te nemen. Daarom laat Boaz aan de oudsten van de stad weten dat hij zelf de akker van Noömi zal kopen en met Ruth zal trouwen.

Vader van Obed

Uit het huwelijk van Boaz en Ruth wordt een zoon geboren die de naam Obed krijgt. Obed is de vader van Isaï en de grootvader van koning David.
De naam Boaz komt ook voor in de lijsten met voorouders van Jezus in het Nieuwe Testament (Matteüs 1:5; Lucas 3:32).

Bijbelverzen

  • Lucas 3:32
  • Ruth 2-4
  • Matteüs 1:5