Abraham
Artikel

Abraham

Abraham is een van de stamvaders van het volk van Israël. God geeft hem de opdracht om zijn familie te verlaten en naar het land Kanaän te gaan. Daar krijgt hij op hoge leeftijd een zoon: Isaak. Die zoon is de vervulling van Gods belofte dat hij de voorvader zal zijn van een groot volk.

De naam Abraham

Abraham heet eerst ‘Abram’. Dat betekent: de (goddelijke) vader is verheven. Later krijgt hij van God de naam ‘Abraham’ (Genesis 17:5). Die naam betekent: vader van vele volken.
De familie van Abram vertrekt vanuit Ur, een stad van de Chaldeeën, naar het land Kanaän. Een deel van de familie blijft achter in Charan. Alleen Abram reist met zijn vrouw Sarai en zijn neef Lot door naar Kanaän.

God belooft een zoon

Abram en Sarai hebben geen kinderen. Toch belooft God aan hen dat ze veel nakomelingen zullen krijgen. Ze krijgen daarom nieuwe namen: Abraham en Sara.
Omdat Sara lange tijd onvruchtbaar is, geeft zij haar slavin Hagar aan Abraham tot vrouw om voor haar kinderen te baren. Maar Hagars zoon Ismaël is niet het kind dat God heeft beloofd. Als Abraham honderd jaar oud is, krijgt hij samen met Sara een zoon: Isaak.
Volgens Genesis 25:1-2 trouwt Abraham na de dood van Sara nog met een andere vrouw, Ketura. Zij baart hem nog zes zonen. Deze zonen stuurt Abraham weg met geschenken, zodat Isaak zijn erfenis niet hoeft te delen.

Isaak als offer

Isaak is de zoon die God aan Abraham beloofd heeft. Toch geeft God Abraham de opdracht om Isaak te offeren. Abraham besluit deze onbegrijpelijke opdracht uit te voeren, maar vlak voordat hij Isaak neersteekt hoort hij een stem vanuit de hemel die zegt: ‘Raak de jongen niet aan, doe hem niets! Want nu weet ik dat je ontzag voor God hebt’ (Genesis 22:12). Dan ziet Abraham een ram, die hij offert in plaats van zijn zoon.

Vader van alle gelovigen

In het Nieuwe Testament wordt Abraham neergezet als voorbeeld voor alle gelovigen. Paulus ziet in hem een voorbeeldfiguur vanwege zijn godsvertrouwen (Romeinen 4:1-25; Galaten 3:6-29). Abraham werd niet gered vanwege zijn goede daden, maar omdat hij in God geloofde.

Abraham gezien?

In het Nederlands hoor je bij een vijftigste verjaardag soms de uitdrukking: ‘Hij heeft Abraham gezien.’
Deze uitdrukking komt uit Johannes 8:56-57. Jezus zegt daar dat Abraham zich al verheugde op zijn komst. Maar dat vinden de Joden die dat horen, maar vreemd. Ze zeggen: ‘U bent nog geen vijftig en u zou Abraham gezien hebben?

 

Bijbelverzen

  • Genesis 20-24
  • Genesis 25:1-10
  • Matteüs 1:1-2
  • Lucas 16:19-31
  • Johannes 8:56-57
  • Handelingen 7:2-8
  • Romeinen 4:1-25
  • Galaten 3:6-29
  • Galaten 4:22-31
  • Hebreeën 7:1-10
  • Genesis 11:27-32
  • Genesis 12-18