Herziene Statenvertaling (HSV)

Het geven van liefdegaven

61Wees op uw hoede dat u uw liefdegave niet geeft in tegenwoordigheid van de mensen om door hen gezien te worden; anders hebt u geen loon bij uw Vader, Die in de hemelen is.

2

6:2
Rom. 12:8
Wanneer u dan een liefdegave geeft, laat het niet voor u uitbazuinen, zoals de huichelaars in de synagogen en op de straten doen, opdat zij door de mensen geëerd zouden worden. Voorwaar, Ik zeg u: Zij hebben hun loon al.

3Maar als u een liefdegave geeft, laat dan uw linkerhand niet weten wat uw rechterhand doet,

4zodat uw liefdegave in het verborgene zal zijn; en uw Vader, Die in het verborgene ziet, zal het u in het

6:4
Luk. 14:14
openbaar vergelden.

Het bidden

5En wanneer u bidt, zult u niet zijn als de huichelaars; want die zijn er zeer op gesteld om in de synagogen en op de hoeken van de straten te staan bidden om door de mensen gezien te worden. Voorwaar, Ik zeg u dat zij hun loon al hebben.

6Maar u, wanneer u bidt,

6:6
2 Kon. 4:33
Hand. 10:4
ga in uw binnenkamer, sluit uw deur en bid tot uw Vader, Die in het verborgene is; en uw Vader, Die in het verborgene ziet, zal het u in het openbaar vergelden.

7Als u bidt,

6:7
1 Kon. 18:28
Jes. 1:15
gebruik dan geen omhaal van woorden zoals de heidenen, want zij denken dat zij door de veelheid van hun woorden verhoord zullen worden.

8Word dan aan hen niet gelijk, want uw Vader weet wat u nodig hebt, voordat u tot Hem bidt.

Het gebed des Heeren

9Bidt u dan zo:

6:9
Luk. 11:2
Onze Vader, Die in de hemelen zijt. Uw Naam worde geheiligd.

10Uw Koninkrijk kome. Uw wil geschiede, zoals in de hemel zo ook op de aarde.

11Geef ons heden ons dagelijks brood.

12En vergeef ons onze schulden, zoals ook wij onze schuldenaren vergeven.

13En leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van de

6:13
Matt. 13:19
boze. Want van U is het Koninkrijk en de kracht en de heerlijkheid, tot in eeuwigheid. Amen.

14

6:14
Mark. 11:25
Kol. 3:13
Want als u de mensen hun overtredingen vergeeft, zal uw hemelse Vader u ook vergeven.

15

6:15
Matt. 18:35
Jak. 2:13
Maar als u de mensen hun overtredingen niet vergeeft, zal uw Vader uw overtredingen ook niet vergeven.

Het vasten

16

6:16
Jes. 58:3
Matt. 9:14
Mark. 2:18
Luk. 5:33
En wanneer u vast, toon dan geen droevig gezicht, zoals de huichelaars. Zij vervormen namelijk hun gezicht, zodat zij door de mensen gezien worden als zij vasten. Voorwaar, Ik zeg u dat zij hun loon al hebben.

17Maar u, als u vast, zalf dan uw hoofd en was uw gezicht,

18zodat het door de mensen niet gezien wordt als u vast, maar door uw Vader, Die in het verborgene is; en uw Vader, Die in het verborgene ziet, zal het u in het openbaar vergelden.

Bezorgdheid

19Verzamel

6:19
Spr. 23:4
Hebr. 13:5
Jak. 5:1
geen schatten voor u op de aarde, waar mot en roest ze verderven, en waar dieven inbreken en stelen;

20maar

6:20
Luk. 12:33
1 Tim. 6:19
verzamel schatten voor u in de hemel, waar geen mot of roest ze verderft, en waar dieven niet inbreken of stelen;

21want waar uw schat is, daar zal ook uw hart zijn.

22De lamp van het lichaam is

6:22
Luk. 11:34
het oog; als dan uw oog oprecht is, zal heel uw lichaam verlicht zijn;

23maar als uw oog kwaadaardig is, zal heel uw lichaam duister zijn. Als het licht dat in u is, duisternis is, hoe groot is dan de duisternis zelf!

24

6:24
Luk. 16:13
Niemand kan twee heren dienen, want of hij zal de één haten en de ander liefhebben, of hij zal zich aan de één hechten en de ander minachten. U kunt niet God dienen en de mammon.

25

6:25
Ps. 37:5
55:23
Luk. 12:22
Filipp. 4:6
1 Tim. 6:8
1 Petr. 5:7
Daarom zeg Ik u: Wees niet bezorgd over uw leven, over wat u eten en wat u drinken zult; ook niet over uw lichaam, namelijk waarmee u zich kleden zult. Is het leven niet meer dan het voedsel en het lichaam meer dan de kleding?

26

6:26
Job 39:3
Ps. 147:9
Kijk naar de vogels in de lucht: zij zaaien niet en maaien niet, en verzamelen niet in schuren; uw hemelse Vader voedt ze evenwel; gaat u ze niet ver te boven?

27Wie toch van u kan met bezorgd te zijn één el aan zijn lengte toevoegen?

28En wat bent u bezorgd over de kleding? Kijk naar de lelies in het veld, hoe ze groeien; ze werken niet en spinnen niet;

29en Ik zeg u dat zelfs Salomo in al zijn heerlijkheid niet gekleed ging als één van deze.

30Als God nu het gras op het veld, dat er vandaag is en morgen in de oven geworpen wordt, zo bekleedt, zal Hij u niet veel meer kleden, kleingelovigen?

31Wees daarom niet bezorgd en zeg niet: Wat zullen wij eten? of: Wat zullen wij drinken? of: Waarmee zullen wij ons kleden?

32Want al deze dingen zoeken de heidenen. Uw hemelse Vader weet immers dat u al deze dingen nodig hebt.

33

6:33
1 Kon. 3:13
Ps. 37:25
55:23
Maar zoek eerst het Koninkrijk van God en Zijn gerechtigheid, en al deze dingen zullen u erbij gegeven worden.

34Wees dan niet bezorgd over de dag van morgen, want de dag van morgen zal voor zichzelf zorgen; elke dag heeft genoeg aan zijn eigen kwaad.