Bijbel in Gewone Taal (BGT)
86

Psalm 86

861Een gebed van David.

Heer, hoor mijn gebed

Heer, luister naar mij

en geef mij antwoord!

Ik ben ongelukkig en alleen.

2Bescherm mij, want ik ben trouw aan u.

Red mij, want u bent mijn God,

op u vertrouw ik.

3Heer, wees goed voor mij.

Tot u bid ik, elke dag weer.

4Maak mij weer blij en gelukkig,

want ik ben uw dienaar.

Ik verlang naar u, Heer.

5U bent goed en vol liefde,

u vergeeft mensen die tot u bidden.

6Heer, hoor mijn gebed,

hoor hoe ik om hulp smeek.

7Het gaat slecht met mij,

daarom bid ik tot u.

Ik weet dat u mij antwoord geeft.

Heer, u bent machtig

8Heer, u bent anders dan andere goden,

geen god is zo machtig als u!

9U hebt alle volken gemaakt.

Ze zullen voor u knielen, Heer,

ze komen u vereren.

10Want u bent machtig, u doet wonderen.

U bent God, u alleen!

11Heer, leer mij hoe ik moet leven.

Help mij om trouw te zijn aan u,

geef mij eerbied voor u.

12Heer, mijn God,

ik wil u danken met heel mijn hart.

Ik wil u altijd eren.

13Want u bent mij trouw,

u zult mij redden van de dood.

Heer, laat mij uw liefde zien

14God, slechte mensen vallen mij aan,

met geweld proberen ze mij te doden.

En aan u denken ze niet.

15Heer, u bent een goede God.

U vergeeft ons en u bent geduldig,

u bent trouw en vol liefde.

16Kom bij me en laat me uw liefde zien,

geef mij kracht en red mij.

17Heer, help mij en geef mij moed.

Geef me een teken van uw goedheid.

Mijn vijanden zullen vluchten

als ze zien dat u mij helpt.

87

Psalm 87

871Een lied van de Korachieten.

Alle volken horen bij Sion

De Heer heeft Sion gebouwd,

de stad op zijn heilige berg.

2De Heer houdt van Sion,

meer dan van alle steden in Israël.

3Iedereen vindt Sion prachtig,

het is de stad van God.

4Van noord tot zuid, van oost tot west:

alle volken horen bij de Heer.

Daarom zegt hij:

‘Jullie komen uit Sion.’

5Ja, je mag zeggen:

‘Iedereen komt uit Sion.

De Allerhoogste maakt Sion sterk.’

6Alle volken staan in het boek van de Heer,

en bij ieder volk schrijft hij:

‘Ook jullie komen uit Sion.’

7Daarom dansen de volken,

en ze zingen:

‘Sion, ik ben een kind van jou!’

88

Psalm 88

881Een lied van de Korachieten. Voor de zangleider. Op de wijs van het lied ‘De fluit’. Een lied van de Ezrachiet Heman.

Heer, luister naar mijn gebed

2Heer, mijn God, red mij!

Overdag roep ik naar u,

in de nacht wacht ik op antwoord.

3Luister naar mijn gebed,

hoor hoe ik om hulp roep.

4Ik ben ziek van ellende,

ik ben al bijna in het land van de dood.

5Ik heb geen kracht meer.

Het is alsof ik al in mijn graf lig,

6door iedereen verlaten.

Het is alsof ik bij de doden hoor,

eenzaam en door iedereen vergeten.

Aan de doden denkt u niet meer,

u beschermt hen niet meer.

7Het is alsof u mij begraven hebt,

in het donker onder de grond.

8Uw woede is een zware last voor mij,

een last die op mij drukt.

9Mijn vrienden willen me niet meer kennen,

ze schrikken als ze mij zien.

Uw woede houdt me gevangen.

Nergens zie ik licht.

Heer, waarom hoort u mij niet?

10Heer, mijn ogen doen pijn van het huilen,

ik doe mijn handen omhoog naar u,

de hele dag roep ik naar u.

11Voor de doden doet u geen wonderen,

zij staan niet op om voor u te zingen.

12In het graf spreekt niemand over uw liefde,

in het land van de dood denkt niemand aan uw trouw.

13Daar in het donker weet niemand van uw wonderen,

daar is alles vergeten,

daar ziet niemand uw goedheid.

14Maar ik, ik roep naar u, Heer,

elke ochtend bid ik tot u.

15Heer, waarom hoort u mij niet,

waarom verbergt u zich voor mij?

16Ik ben ongelukkig,

heel mijn leven al ben ik dicht bij de dood.

Uw woede maakt me wanhopig.

17U straft mij met uw woede,

u maakt me doodsbang.

U vernietigt mij.

18Elke dag weer voel ik uw woede,

overal om mij heen.

19Niemand wil mij meer kennen,

het donker is mijn enige vriend.