Spreuken 12
Spreuken over goede mensen
Spreuken over bezit
Spreuken over spreken en zwijgen
Spreuken over hard werken
Extra informatie
Filter op categorie
Wat zegt de Bijbel over boeren en landbouw?
Alles wat je ziet –het eten op je bord of de dingen die je ziet als je gewoon om je heen kijkt – bestaat uit grondstoffen: bijvoorbeeld groenten, melk, vlees, wol, hout en katoen. Wij maken hier allemaal gebruik van. Boeren zorgen voor een groot deel van die grondstoffen. Welk beeld hebben we eigenlijk van boeren, van landbouw en veeteelt? En wat heeft de Bijbel daarover te zeggen?
Armoede, rijkdom en bezit
Anders dan we tegenwoordig gewend zijn, wordt in de Bijbel niet over armoede en rijkdom gesproken als het resultaat van een maatschappelijke of economische ordening. De rijkdom van sommigen en armoede van vele anderen zijn onontkoombare feiten, net als afstamming en geslacht dat zijn. ‘De HEER maakt arm en Hij maakt rijk’ (1 Sam. 2:7) en daar kan een mens niets aan veranderen. Een enkele keer wordt rijkdom beschreven als beloning (vgl. 1 Kon. 3:13) en armoede als straf (Spr. 28:19). De slavernij in Egypte wordt gezien als onderdrukking (Ex. 3:7), maar niet als economische uitbuiting die Israëlieten arm maakt en Egyptenaren rijk.
Dieren en de Bijbel
Genieten van vegetarische gerechten hoort bij de culinaire trends. Toch is dit geen nieuwe ontwikkeling: de kerkvaders Clemens van Alexandrië (± 125-215) en Ambrosius van Milaan (339-397) riepen al op om zich te verheugen over de vele groenten en het fruit waarin de schepping voorzag. Ook de kerkvader Basilius van Caesarea (330-379) vond dat Genesis 1 aantoonde dat het Gods oorspronkelijke plan was dat mens en dier vegetarisch leefden. Later verbood Benedictus van Nursia (480-547) het zijn kloosterorde om vlees te eten. Ook andere bekendheden zagen af van vleesconsumptie. Tegenwoordig zijn er tendensen om vegetarisme te promoten. Ook christenen stellen zich de vraag of zij met het eten van vlees zuiniger moeten omgaan. De hoge consumptie van vlees in rijke landen wordt dan als een onverantwoorde omgang met de schepping gezien. Hoe sluit dit aan bij hedendaagse wetenschappelijke reflecties over dieren en de manier waarop de Bijbel over dieren als medeschepsels spreekt?
