Bijbel in Gewone Taal (BGT)
10

Wees verstandig

Wie wijs is, kiest de goede weg

101Dure parfum gaat al stinken als er één dode vlieg in zit. En veel wijsheid gaat verloren door één domme daad.

2Wie verstandig is, kiest de goede weg. Maar wie onverstandig is, kiest de verkeerde weg. 3Zo iemand leeft zonder verstand. En iedereen kan zien hoe dom hij is.

Het leven is niet eerlijk

4Als de koning kwaad op je is, loop dan niet weg. Blijf kalm, dan maak je geen fouten.

5Ik heb nog iets treurigs op aarde gezien. Het is een fout die koningen vaak maken. 6Ze geven de beste banen aan domme mensen. En de slechtste banen aan belangrijke en rijke mensen.

7En ik zag nog iets anders. Slaven reden op paarden, alsof zij de baas waren. En de bazen moesten lopen, alsof ze slaven waren.

Denk na voordat je begint

8Wie een kuil graaft, kan zelf in die kuil vallen. Wie een gat in een muur maakt, kan door een slang gebeten worden. 9Wie stenen uit een rots hakt, kan zichzelf pijn doen. Wie hout hakt, kan zichzelf in gevaar brengen.

10Als je bijl bot is, moet je hem scherp maken. Dan hoef je minder kracht te gebruiken. Als je eerst goed nadenkt, heb je meer kans op succes.

11Je kunt met een toverspreuk macht krijgen over een slang. Maar die spreuk helpt je niet als die slang je al gebeten heeft.

Een dwaas houdt nooit zijn mond

12Als een wijs mens iets zegt, dan krijgt hij waardering. Maar als een dwaas iets gaat zeggen, dan brengt hij zichzelf in de problemen. 13Wat hij zegt, is van het begin tot het eind de grootste onzin. 14-15Zo iemand praat maar door. En door al dat gepraat wordt hij moe. Zo moe dat hij niet eens meer de weg naar huis weet.

Geen mens weet wat er in de toekomst gaat gebeuren. Niemand kan je vertellen wat er na je dood zal zijn.

Wijze leiders zijn goed voor een land

16Het gaat slecht met een land als de koning nog maar een kind is. En als de ministers al vroeg in de ochtend aan het feesten zijn. 17Maar een land is gelukkig als de koning uit een goede familie komt. En als de ministers op de juiste tijd gaan feesten en dan niet dronken worden.

18Als iemand te lui is om de balken te repareren, valt het dak naar beneden. Als hij niet aan het werk gaat, blijft het dak lekken.

19Van lekker eten kun je genieten. Een glas wijn geeft plezier in het leven. En geld maakt al die dingen mogelijk.

20Scheld een koning nooit uit, zelfs niet in je gedachten. En scheld rijke mensen ook niet uit, zelfs niet in je slaapkamer. Want misschien hoort een vogel je en vertelt hij je woorden door.