Nieuwe Bijbelvertaling (NBV)
60

601Voor de koorleider. Op de wijs van De lelie van het getuigenis. Een stil gebed van David, ter lering, 2

60:2
2 Sam. 8:13
toen hij vocht tegen de Arameeërs uit Naharaïm en Soba, en toen Joab op zijn terugtocht de Edomieten in het Zoutdal versloeg, twaalfduizend man.

3God, u hebt ons verstoten, ons uiteengeslagen,

uw toorn over ons uitgestort. Keer ons lot ten goede.

4U hebt het land geschokt en gespleten,

genees zijn scheuren, want het stort ineen.

5

60:5-6
Ps. 75:9
Jes. 51:17
Jer. 25:15
U hebt uw volk zwaar laten lijden,

ons een bittere wijn laten drinken.

6Geef een teken aan wie ontzag hebben voor u,

laat hen ontkomen aan de pijlen van de boog. sela

7

60:7-14
Ps. 108:7-14
Bevrijd uw geliefde volk,

help het met uw machtige hand, verhoor ons.

8God heeft gesproken in zijn heiligdom:

‘Juichend zal ik Sichem verdelen,

het dal van Sukkot uitmeten.

9

60:9
Gen. 49:10
Van mij is Gilead, en van mij is Manasse,

Efraïm is de helm op mijn hoofd,

Juda de scepter in mijn hand.

10Moab is mijn wasbekken,

op Edom zet ik mijn voet.

Filistea, juich mij toe!’

11Wie voert mij de vesting binnen,

wie zal mij naar Edom leiden?

12

60:12
Ps. 68:8
Bent u het niet, God, u die ons verstoten had,

voert u niet, God, onze legers aan?

13

60:13-14
Ps. 44:6
Hos. 1:7
60:13
Ps. 33:16-17
Sta ons bij tegen de vijand,

de hulp van mensen is vergeefs.

14Met God zullen wij triomferen,

hij zal onze vijanden vertrappen.

61

611Voor de koorleider. Bij snarenspel.61:1 Bij snarenspel – Ook mogelijk is de vertaling: ‘Op de wijs van Neginat’. Van David.

2Hoor, o God, mijn smeken,

sla acht op mijn gebed,

3

61:3
Ps. 27:4-5
van het einde der aarde roep ik u aan,

want mijn hart bezwijkt.

Breng mij op de rots hoog boven mij,

4

61:4
Ps. 46:2
Spr. 18:10
u bent altijd mijn schuilplaats geweest,

een toren te sterk voor de vijand.

5Laat mij altijd wonen in uw tent,

veilig verscholen onder uw vleugels, sela

6u hoort mijn geloften, God,

u beloont wie uw naam vereren.

7

61:7-8
Ps. 72:5
61:7
Ps. 21:5
Voeg dagen toe aan de dagen van de koning,

dat zijn jaren duren van geslacht op geslacht.

8

61:8
Ps. 40:12
89:5,30
Wil zijn troon altijd beschermen, God,

laten trouw en waarheid over hem waken.

9Dan zal ik uw naam voor altijd bezingen,

en mijn geloften volbrengen, dag na dag.

62

621Voor de koorleider. Op de wijs van Jedutun. Een psalm van David.

2Alleen bij God vindt mijn ziel haar rust,

van hem komt mijn redding.

3Hij alleen is mijn rots en mijn redding,

mijn burcht, nooit zal ik wankelen.

4Hoe lang nog vallen jullie aan op één man

en bedreigen jullie hem met de dood?

Hij is als een muur die omvalt,

als een wal die op instorten staat.

5

62:5
Ps. 4:3
28:3
55:22
Zij willen hem van zijn hoogte storten,

de leugen is hun lust en hun leven,

een zegenwens ligt op hun lippen,

maar in hun hart verbergt zich een vloek. sela

6

62:6
Ps. 42:6
43:5
Zoek rust, mijn ziel, bij God alleen,

van hem blijf ik alles verwachten.

7Hij alleen is mijn rots en mijn redding,

mijn burcht, ik zal niet wankelen.

8

62:8
Jes. 26:4
45:17
Jer. 3:23
Bij God is mijn redding en eer,

mijn machtige rots, mijn schuilplaats is God.

9Vertrouw op hem, mijn volk, te allen tijde,

open voor hem uw hart,

God is onze schuilplaats. sela

10

62:10
Ps. 39:6-7
Niets dan lucht zijn de kinderen van Adam,

niets dan een leugen de mensenkinderen,

in de weegschaal gaan zij omhoog,

samen zijn zij lichter dan lucht.

11

62:11
Jes. 30:12
Vertrouw niet op geweld,

op iets vluchtigs als geroofd bezit,

ook al groeien geld en goed,

houd je hart ervan vrij.

12

62:12
Job 40:5
Eenmaal heeft God gesproken,

tweemaal heb ik het gehoord:

‘De macht is aan God.’

13

62:13
Job 34:11
Ps. 28:4
Spr. 24:12
Jer. 17:10
Mat. 16:27
Rom. 2:6
Op. 2:23
22:12
Bij u, Heer, is ontferming,

u beloont ieder mens

naar zijn daden.