Nieuwe Bijbelvertaling (NBV)

491Voor de koorleider. Van de Korachieten, een psalm.

2Hoor, alle volken,

luister, bewoners van de wereld,

3mensen, kinderen van Adam,

rijk en arm, iedereen.

4

49:4
Ps. 78:2
Mijn mond spreekt wijze woorden,

diepzinnig is wat mijn hart overpeinst,

5ik heb een open oor voor raadselspreuken,

bij het spel op de lier onthul ik een geheim.

6Waarom zou ik vrezen in slechte tijden,

als ik door uitbuiters word omringd,

7

49:7-9
Spr. 11:4
49:7
Jer. 9:22
die vertrouwen op hun vermogen

en pronken met hun rijkdom?

8

49:8
Job 33:24
Geen mens kan een ander vrijkopen,

wat God vraagt voor een leven, is niet te betalen.

9De prijs van het leven is te hoog,

in eeuwigheid niet op te brengen.

10Onmogelijk dat iemand voor altijd zou leven,

de kuil van het graf nooit zou zien.

11

49:11
Pred. 2:16
Dit zien we: wijze mensen sterven,

maar ook dommen en dwazen vergaan

en laten hun vermogen achter.

12Het graf49:12 Het graf – Volgens de oudste vertalingen. MT: ‘Hun binnenste’. is hun eeuwig thuis,

hun woning van geslacht op geslacht,

ook al stond er veel land op hun naam.

13

49:13
Pred. 3:18-19
Nee, een mens, hoe rijk ook,

ontkomt niet aan het duister,

hij is als een dier dat wordt afgemaakt.

14Dit is het lot van wie op zichzelf vertrouwen,

zo vergaat het wie zichzelf graag horen: sela

15als schapen verblijven zij in het dodenrijk,

en de dood is hun herder.

In de morgen vertrappen de oprechten hun graf,

hun lichaam teert weg in het dodenrijk en vindt geen rust.

16Maar mij zal God vrijkopen uit de macht

van het dodenrijk, mij zal hij wegnemen. sela

17Wees niet bevreesd als iemand rijk wordt,

een groter huis heeft en meer weelde.

18

49:18
Pred. 5:14
1 Tim. 6:7
Want bij zijn dood kan hij niets meenemen,

zijn weelde volgt hem niet in het graf.

19Ook al prijst hij zich gelukkig met zijn leven

– wie roemt je niet in je voorspoed? –,

20hij zal zich voegen bij zijn voorgeslacht,

bij hen die het licht nooit meer zullen zien.

21Een mens zonder inzicht, hoe rijk ook,

is als een dier dat wordt afgemaakt.