Nieuwe Bijbelvertaling (NBV)
1

Mordechais droom

11 In het tweede jaar van de regering van koning Artaxerxes de Grote, op de eerste dag van de maand nisan, had Mordechai, de zoon van Jaïr, de zoon van Simi, de zoon van Kis, uit de stam Benjamin, een droom. 2-3

1:2-3 (=A:2-3)
2 Kon. 24:10-16
Deze Mordechai was een Jood, een van de mensen die samen met Jechonja, de koning van Juda, door koning Nebukadnessar van Babylonië als ballingen uit Jeruzalem waren weggevoerd, en hij woonde in de stad Susa. Hij was een invloedrijk man, die een functie aan het koninklijk hof bekleedde.

4 Dit was de droom van Mordechai: Geschreeuw en tumult, donderslagen en aardbevingen, verwarring op aarde. 5 Twee grote draken gingen op elkaar af, klaar om te vechten. Ze brulden luid, 6 en door dit gebrul maakten alle volken zich op voor de strijd tegen het volk van de rechtvaardigen. 7 Een dag van diepe duisternis, verdrukking en benauwenis, geweld en grote verwarring op aarde. 8 Er brak paniek uit onder het rechtvaardige volk; ze vreesden dat onheil hen zou treffen en bereidden zich voor op hun ondergang. 9 Ze riepen God aan, en uit hun roepen ontstond een grote watervloed, zoals uit een kleine bron een brede rivier. 10 Het zonlicht verscheen, de nederigen werden verheven en wie in hoog aanzien stonden werden door hen verzwolgen.

11 Nadat Mordechai wakker geworden was, bleef hij nadenken over zijn droom, waarin hij gezien had wat God van plan was; tot laat in de avond spande hij zich tot het uiterste in om de droom te begrijpen.

Mordechai verijdelt een aanslag

12

1:12 (=A:12)
Est.Gr. 2:21-22
6:2
Eens lag Mordechai in de hof van het paleis te rusten, evenals Gabata en Tarra, twee eunuchen die de koning als paleiswachter dienden. 13 Hij hoorde hoe zij met elkaar overlegden, luisterde aandachtig en kwam zo te weten dat ze een plan beraamden om koning Artaxerxes om het leven te brengen. Hij bracht de koning van hun voornemen op de hoogte. 14 De koning onderwierp de twee eunuchen aan een verhoor; ze bekenden en werden weggeleid. 15 De koning liet deze gebeurtenis schriftelijk vastleggen, opdat de herinnering eraan bewaard zou blijven, en ook Mordechai schreef erover. 16 Zo kwam het dat de koning Mordechai een functie aan het hof verleende en hem geschenken gaf.

17 Haman, de zoon van Hammedata, een Bugeeër, stond bij de koning in hoog aanzien. Hij zon op middelen om Mordechai en diens volk kwaad te doen, om wat er gebeurd was met de twee eunuchen van de koning.

1

Koningin Wasti verstoten

18

1:18 (=1:1)
Ezra 4:6
Het was in het derde regeringsjaar van Artaxerxes, de Artaxerxes die over honderdzevenentwintig provincies heerste, tot in India. 19 In dat jaar, toen hij voor het eerst in Susa zetelde, 20 hield hij een feestelijke ontvangst voor zijn hovelingen, voor de rijksgroten van de Perzen en de Meden, voor gasten uit andere volken en voor de oppersatrapen.

21-22 Toen dit feest1:21-22 (=1:4-5) dit feest – Ook mogelijk is de vertaling: ‘het huwelijksfeest’. Andere handschriften lezen: ‘het drinkgelag’. voorbij was en de koning honderdtachtig dagen lang de rijkdom van zijn koninkrijk en de pracht en praal waarin hij zich verheugde tentoongespreid had, richtte hij voor alle inwoners van de stad een drinkgelag aan, dat zes dagen duurde. Het werd gehouden in de binnenhof van het koninklijk paleis, 23 die versierd was met draperieën van fijn linnen en katoen. Met purperen linnen koorden waren deze bevestigd aan de gouden en zilveren kapitelen van marmeren en granieten zuilen. Op een mozaïekvloer van smaragd, parelmoer en marmer stonden gouden en zilveren rustbanken, waarover ragfijne spreien met een borduursel van kleurrijke bloemmotieven lagen, en overal waren rozen gestrooid. 24 Er waren bekers van goud en zilver en ook viel er een kleine robijnen beker ter waarde van dertigduizend talent te bewonderen. En er was een overvloed aan zoete wijn zoals de koning die zelf graag dronk. 25 Er golden voor dit drinkgelag geen van tevoren vastgestelde regels, omdat koning Artaxerxes het zo wilde; hij had de hofmeesters opgedragen aan zijn wensen en aan die van de gasten tegemoet te komen. 26 Ook Wasti, de koningin, richtte een drinkgelag aan, voor de vrouwen in het koninklijk paleis.

27

1:27-28 (=1:10-11)
Dan. 5:1-4
Op de zevende dag, toen koning Artaxerxes in een vrolijke stemming was, beval hij Haman, Bazan, Tarra, Boraze, Zatolta, Abataza en Taraba – de zeven eunuchen die zijn dienaren waren – 28 om de koningin bij hem te brengen. Hij wilde haar in haar waardigheid bevestigen door haar de koninklijke hoofdband om te doen, en haar schoonheid laten zien aan de rijksgroten van de volken, want zij was mooi. 29 Maar koningin Wasti gehoorzaamde hem niet, ze weigerde met de eunuchen mee te gaan. De koning voelde zich gekwetst. Woedend 30 zei hij tegen zijn hovelingen: ‘Dit is wat Wasti gezegd heeft. Oordeel en neem een besluit.’

31 Van de rijksgroten van de Perzen en de Meden waren Arkeseüs, Sarsateüs en Malesear de meest vertrouwde raadsheren van de koning, ze bekleedden de hoogste posities. Zij traden naar voren 32 en gaven aan hoe er volgens de wet ten opzichte van koningin Wasti gehandeld diende te worden, nu zij niet gedaan had wat de eunuchen haar namens de koning hadden bevolen. 33 Memuchan zei tegen de koning en de rijksgroten: ‘Niet alleen tegenover de koning heeft koningin Wasti zich misdragen, maar ook tegenover alle rijksgroten en bestuurders van het koninkrijk.’ 34-35 (De koning had hun immers verteld wat de koningin had gezegd, welk antwoord zij hem gegeven had.) ‘Als de gemalinnen van de Perzische en Medische rijksgroten horen hoe zij koning Artaxerxes heeft geantwoord, zullen zij zich vandaag nog op eenzelfde wijze tegenover hun echtgenoten durven te misdragen. 36

1:36 (=1:19)
Est.Gr. 3:12
8:8
Dan. 6:9,16
Laat de koning daarom, als het hem goeddunkt, een koninklijk besluit uitvaardigen dat schriftelijk als een wet van de Meden en de Perzen wordt vastgelegd, zodat het niet kan worden veranderd. Hierin moet bepaald worden dat de koningin voortaan geen toegang meer heeft tot de koning en dat hij haar koninklijke waardigheid aan een vrouw zal geven die beter is dan zij. 37 Laat overal bekend worden welke wet de koning voor zijn rijk wenst uit te vaardigen. Dan zullen alle vrouwen hun echtgenoten, arm of rijk, met respect bejegenen.’ 38 Het voorstel van Memuchan vond instemming bij de koning en de rijksgroten, en de koning volgde het op. 39
1:39 (=1:22)
Dan. 6:26
Hij stuurde brieven naar alle delen van zijn rijk, naar elke provincie in haar eigen taal, met als gevolg dat alle mannen thuis respect werd betoond.

2

Ester als koningin gekozen

21 Na verloop van tijd was de woede van de koning bedaard, maar hij wilde niets meer van Wasti weten, want hij herinnerde zich maar al te goed wat zij gezegd had en welk oordeel hij over haar had geveld. 2 Zijn dienaren zeiden: ‘Er zouden voor de koning mooie, nog ongerepte meisjes gezocht moeten worden. 3 Laat de koning daarom in alle provincies van zijn rijk gevolmachtigden aanstellen met de opdracht op zoek te gaan naar mooie meisjes die nog maagd zijn en hen naar Susa te brengen, naar het vrouwenverblijf. Daar moet men hen dan toevertrouwen aan de eunuch die de koning als haremwachter dient, en hen voorzien van balsem en alles wat ze verder nodig hebben. 4 En laat de vrouw die de koning het meest bevalt dan koningin worden in de plaats van Wasti.’ Dit voorstel vond instemming bij de koning en hij voerde het uit.

5 Nu woonde er in Susa een zekere Mordechai, een Jood. Hij was een zoon van Jaïr, de zoon van Simi, de zoon van Kis, uit de stam Benjamin, 6

2:6
2 Kon. 24:10-16
2 Kron. 36:9-10
een van de mensen die door koning Nebukadnessar van Babylonië als ballingen uit Jeruzalem waren weggevoerd. 7 Hij had een pleegdochter, die Ester heette; zij was een dochter van Amminadab, een broer van Mordechais vader. Nadat haar ouders overleden waren had Mordechai haar opvoeding op zich genomen, met de bedoeling haar tot vrouw te nemen; het was een mooi meisje. 8
2:8-9
Dan. 1:3-5
Toen nu het bevel van de koning bekend was gemaakt en er veel meisjes in Susa bij elkaar gebracht werden en onder toezicht van de haremwachter Gai gesteld, werd ook Ester bij deze haremwachter gebracht. 9 Het meisje stond hem aan en won zijn genegenheid. Daarom liet hij haar zonder uitstel de balsem en het voorgeschreven voedsel geven en stelde hij haar zeven dienaressen uit het koninklijk paleis ter beschikking. Hij behandelde haar en haar kameniersters in het vrouwenverblijf goed. 10 Ester vertelde niet uit welke familie ze stamde of uit welk land ze kwam; Mordechai had haar namelijk op het hart gedrukt dit niet bekend te maken. 11 En iedere dag wandelde Mordechai langs de voorhof van het vrouwenverblijf, in de hoop te weten te komen hoe het Ester verging.

12 Ieder meisje kreeg een schoonheidsbehandeling: zes maanden werd ze gemasseerd met mirreolie, zes maanden met geurige balsems en crèmes. Wanneer haar schoonheidsbehandeling na twaalf maanden voltooid was, 13 was het moment gekomen om naar de koning te gaan. Degene aan wie het was opgedragen, bracht haar van het vrouwenverblijf naar het koninklijk paleis.2:13 Degene aan wie het was opgedragen, bracht haar van het vrouwenverblijf naar het koninklijk paleis – Andere handschriften lezen: ‘Met wie hiertoe was aangesteld stuurde men haar mee om samen uit het vrouwenverblijf naar het koninklijk paleis te gaan’. 14

2:14
Est.Gr. 4:11
’s Avonds ging ze daar naar binnen, en bij het aanbreken van de morgen ging ze naar een ander deel van het vrouwenverblijf, waar de eunuch Gai de koning als haremwachter diende. Een meisje ging nooit een tweede keer naar de koning toe, tenzij ze persoonlijk bij hem werd ontboden.

15 Op een dag was het de beurt van Ester, de dochter van Mordechais oom Amminadab, om naar de koning te gaan. Niets van wat de haremwachter haar had aangeraden had zij achterwege gelaten, en ze wekte dan ook de bewondering van allen die haar zagen. 16 Zo ging Ester bij koning Artaxerxes binnen, in het zevende jaar van zijn regering, in de twaalfde maand, de maand adar. 17 En de koning voelde liefde voor Ester, meer dan alle andere meisjes won zij zijn genegenheid. Hij koos haar als zijn vrouw en deed haar de koninklijke hoofdband om. 18 Om zijn huwelijk met Ester te vieren, richtte de koning voor al zijn hovelingen en alle machthebbers een drinkgelag aan dat zeven dagen duurde. Ook schold hij zijn onderdanen hun schulden kwijt.

Mordechai verijdelt een aanslag

19 Mordechai bekleedde een functie aan het hof. 20 Ester had nog steeds niet verteld uit welk land ze afkomstig was, zoals Mordechai haar op het hart had gedrukt. Hij had er wel bij haar op aangedrongen om, net als toen ze nog bij hem woonde, ontzag voor God te hebben en zich aan zijn geboden te houden. Ze veranderde haar levenswijze niet.

21 De twee eunuchen die het bevel voerden over de koninklijke lijfwacht, ergerden zich eraan dat Mordechai een goede functie had gekregen, en ze beraamden een plan om koning Artaxerxes te doden. 22 Hun voornemen kwam Mordechai ter ore. Hij bracht Ester ervan op de hoogte en zij lichtte de koning over het complot in. 23 De koning ondervroeg de twee eunuchen en liet hen ophangen, en om Mordechai te eren gaf hij opdracht om van de dienst die deze hem had bewezen een aantekening te maken in de rijkskronieken, opdat de herinnering eraan bewaard zou blijven.