Herziene Statenvertaling (HSV)
141

Gebed in verzoeking

1411Een psalm van David.

HEERE, ik roep U aan, kom spoedig tot mij,

neem mijn stem ter ore, wanneer ik tot U roep.

2

141:2
Ex. 29:30
Openb. 5:8
8:3
Laat mijn gebed als reukwerk voor Uw aangezicht staan,

laat mijn opgeheven handen als het avondoffer zijn.

3HEERE, zet een wacht voor mijn mond,

behoed de deur van mijn lippen.

4Laat mijn hart zich niet neigen naar een slechte zaak,

om goddeloze daden te verrichten

met mannen die onrecht bedrijven;

en laat mij niet eten van hun lekkernijen.

5Slaat de rechtvaardige mij, het zal een gunst zijn,

bestraft hij mij, het zal olie op mijn hoofd wezen,

mijn hoofd zal het niet weigeren;

dan nog is mijn gebed voor hen in al hun ellende.

6Hun rechters zijn bij de rotswand vrijgelaten,

zij hebben gehoord hoe aangenaam mijn woorden waren.

7

141:7
Ezech. 37:1,11,12
Onze beenderen liggen verstrooid bij de mond van het graf,

alsof iemand op de grond iets gekloofd en gespleten had.

8Maar op U zijn mijn ogen gericht, HEERE Heere;

tot U heb ik de toevlucht genomen, laat mijn ziel niet berooid achter.

9Bewaar mij voor de knellende strik141:9 de knellende strik - Letterlijk: de handen van de strik. die zij mij gezet hebben,

voor de valstrikken van wie onrecht bedrijven.

10Laat de goddelozen in hun eigen netten vallen, allemaal,

totdat ík voorbij ben gegaan.

142

Gebed om hulp

1421Een onderwijzing van David, een gebed, toen hij in de grot was.

2Met mijn stem roep ik tot de HEERE,

met mijn stem smeek ik de HEERE.

3Ik stort mijn klacht uit voor Zijn aangezicht,

ik maak voor Zijn aangezicht mijn benauwdheid bekend.

4

142:4
Ps. 77:4
Toen mijn geest in mij bezweek,

kende Ú mijn pad.

Zij hebben een strik voor mij verborgen

op de weg die ik gaan zou.

5Ik keek aan mijn rechterhand en zie,

er was niemand die naar mij omzag;

voor mij was de mogelijkheid tot ontvluchten verloren,

niemand zorgde voor mijn ziel.

6Tot U roep ik, HEERE.

Ik zeg: U bent mijn toevlucht,

mijn

142:6
Ps. 16:5
deel in het land der levenden.

7Sla acht op mijn roepen,

want ik ben volkomen uitgeteerd;

142:7
Ps. 41:2
79:8
116:6
red mij van mijn vervolgers,

want zij zijn machtiger dan ik.

8Leid mijn ziel uit de gevangenis

om Uw Naam te loven;

de rechtvaardigen zullen mij omringen,

want U bent goed voor mij.

143

Zevende boetpsalm

1431Een psalm van David.

HEERE, luister naar mijn gebed,

neem mijn smeekbeden ter ore.

Verhoor mij naar Uw trouw,

naar Uw gerechtigheid.

2Ga niet in het gericht met Uw dienaar,

143:2
Rom. 3:4
Gal. 3:4
want niemand die leeft,

is voor Uw aangezicht rechtvaardig.

3Want de vijand vervolgt mijn ziel,

hij vertrapt mijn leven op de grond;

hij doet mij wonen in duistere oorden,

zoals zij die allang dood zijn.

4Daarom is mijn geest in mij bezweken,

mijn hart is ontzet in mijn binnenste.

5

143:5
Ps. 77:6,11
Ik denk aan de dagen vanouds,

ik overdenk al Uw daden,

ik overpeins de werken van Uw handen.

6Ik spreid mijn handen naar U uit,

mijn ziel ligt voor U als een dorstig land. Sela

7Verhoor mij spoedig, HEERE,

mijn geest bezwijkt;

verberg Uw aangezicht niet voor mij,

want ik zou aan hen gelijk zijn die in de kuil neerdalen.

8Doe mij in de morgen Uw goedertierenheid horen,

want ik vertrouw op U;

maak mij de weg bekend die ik te gaan heb,

143:8
Ps. 25:1
want tot U hef ik mijn ziel op.

9Red mij van mijn vijanden, HEERE,

bij U schuil ik.

10Leer mij Uw welbehagen te doen,

want U bent mijn God.

Laat Uw goede Geest mij leiden

in een geëffend land.

11HEERE, maak mij levend, omwille van Uw Naam,

leid mijn ziel uit de benauwdheid, om Uw gerechtigheid.

12Verdelg mijn vijanden om Uw goedertierenheid,

breng allen om die mijn ziel benauwen,

143:12
Ps. 86:16
116:16
want ik ben Uw dienaar.

Door deze website verder te gebruiken ga je akkoord met plaatsing en gebruik van cookies door het NBG en derden conform onze privacyverklaring.[bericht verbergen]