Herziene Statenvertaling (HSV)
1

Het geslachtsregister van Jezus Christus

11Het geslachtsregister van Jezus Christus, de Zoon van

1:1
Luk. 1:31,32
David, de Zoon van Abraham.

2

1:2
Gen. 21:2
Abraham verwekte Izak,
1:2
Gen. 25:26
Izak verwekte Jakob,
1:2
Gen. 29:35
Jakob verwekte Juda en zijn broers;

3

1:3
Gen. 38:27,29
Juda verwekte Perez en Zerah bij Tamar;
1:3
Ruth 4:18
1 Kron. 2:5
Perez verwekte Hezron,
1:3
Ruth 4:19
1 Kron. 2:9
Hezron verwekte Aram;

4Aram verwekte Aminadab, Aminadab verwekte Nahesson, Nahesson verwekte Salmon;

5Salmon verwekte Boaz bij Rachab, Boaz verwekte Obed bij Ruth, Obed verwekte Isaï;

6

1:6
Ruth 4:22
1 Sam. 16:1
17:12
1 Kron. 2:15
12:18
Isaï verwekte David, de koning; David, de koning, verwekte Salomo bij haar die de vrouw van Uria was;

7

1:7
1 Kon. 11:43
1 Kron. 3:10
Salomo verwekte Rehabeam, Rehabeam verwekte Abia, Abia verwekte Asa;

8Asa verwekte Josafat, Josafat verwekte Joram, Joram verwekte Uzzia;

9Uzzia verwekte Jotham, Jotham verwekte Achaz, Achaz verwekte Hizkia;

10Hizkia verwekte Manasse, Manasse verwekte Amon, Amon verwekte Josia;

11

1:11
1 Kron. 3:16
Josia verwekte Jechonia en zijn broers, ten tijde van de Babylonische ballingschap.

12Na de Babylonische ballingschap verwekte

1:12
1 Kron. 3:17
Jechonia Sealthiël,
1:12
Ezra 3:2
Sealthiël verwekte Zerubbabel;

13Zerubbabel verwekte Abihud, Abihud verwekte Eljakim, Eljakim verwekte Azor;

14Azor verwekte Zadok, Zadok verwekte Achim, Achim verwekte Eliud;

15Eliud verwekte Eleazar, Eleazar verwekte Matthan, Matthan verwekte Jakob;

16Jakob verwekte Jozef, de man van Maria, uit wie geboren is Jezus, Die Christus genoemd wordt.

17Al de geslachten dus, van Abraham tot David, zijn veertien geslachten; en van David tot de Babylonische ballingschap zijn veertien geslachten; en van de Babylonische ballingschap tot Christus zijn veertien geslachten.

De geboorte van Christus

18De geboorte van Jezus Christus was nu als volgt.

1:18
Luk. 1:27,34
Terwijl Maria, Zijn moeder, met Jozef in ondertrouw was, bleek zij, nog voordat zij samengekomen waren, zwanger te zijn uit de Heilige Geest.

19Jozef, haar man, wilde haar onopgemerkt verlaten, omdat hij rechtvaardig was en haar niet in het openbaar te schande wilde maken.

20Terwijl hij deze dingen overwoog, zie, een engel van de Heere verscheen hem in een droom en zei: Jozef, zoon van David, wees niet bevreesd Maria, uw vrouw, bij u te nemen, want wat in haar ontvangen1:20 ontvangen - Letterlijk: verwekt. is, is uit de Heilige Geest;

21en zij zal een Zoon baren, en

1:21
Luk. 1:31
u zult Hem de naam Jezus geven, want
1:21
Hand. 4:12
Hij zal Zijn volk zalig maken van hun zonden.

22Dit alles is geschied opdat vervuld werd wat door de Heere gesproken is door de profeet, toen hij zei:

23

1:23
Jes. 7:14
Zie, de maagd zal zwanger worden en een Zoon baren, en u zult Hem de Naam Immanuel geven; vertaald betekent dat: God met ons.

24Toen Jozef uit de slaap ontwaakt was, deed hij zoals de engel van de Heere hem bevolen had, en hij nam zijn vrouw bij zich;

25en hij had geen gemeenschap met haar1:25 had geen gemeenschap met haar - Letterlijk: kende haar niet. totdat zij haar eerstgeboren Zoon gebaard had;

1:25
Luk. 2:21
en hij gaf Hem de Naam Jezus.

2

De wijzen uit het oosten

21Toen nu Jezus

2:1
Luk. 2:4
geboren was in Bethlehem, in Judea, in de dagen van koning Herodes, zie, wijzen uit het oosten kwamen in Jeruzalem aan,

2en zeiden: Waar is de Koning van de Joden die geboren is? Want wij hebben Zijn ster in het oosten gezien en zijn gekomen om Hem te aanbidden.

3Toen koning Herodes dit hoorde, raakte hij in verwarring en heel Jeruzalem met hem.

4En nadat hij alle overpriesters en schriftgeleerden van het volk bijeen had laten komen, wilde hij van hen weten waar de Christus geboren zou worden.

5Zij zeiden tegen hem: In Bethlehem, in Judea, want zo staat het geschreven door de profeet:

6

2:6
Micha 5:1
Joh. 7:42
En u, Bethlehem, land van Juda, bent beslist niet de minste onder de vorsten van Juda, want uit u zal de Leidsman voortkomen Die Mijn volk Israël weiden zal.

7Toen riep Herodes de wijzen onopgemerkt bij zich en vroeg hun nauwkeurig naar de tijd dat de ster verschenen was;

8en hij stuurde hen naar Bethlehem en zei: Ga erheen en doe nauwkeurig onderzoek naar dat Kind, en als u Het gevonden hebt, bericht het mij, zodat ook ik kom om Het te aanbidden.

9En nadat zij de koning aangehoord hadden, gingen zij op weg. En zie, de ster die zij in het oosten gezien hadden, ging hun voor, totdat hij boven de plaats kwam te staan waar het Kind was.

10Toen zij de ster zagen, verheugden zij zich met zeer grote vreugde.

11En toen zij in het huis kwamen, vonden2:11 vonden - Letterlijk: zagen. zij het Kind met Maria, Zijn moeder, en zij vielen neer en aanbaden Het. Zij openden hun schatkisten en brachten Hem geschenken: goud en wierook en mirre.

12En nadat zij door een aanwijzing van God in een droom gewaarschuwd waren om niet terug te keren naar Herodes, keerden zij langs een andere weg terug naar hun land.

Naar Egypte

13Nadat zij vertrokken waren, zie, een engel van de Heere verschijnt Jozef in een droom en zegt: Sta op, en neem het Kind en Zijn moeder met u mee, en vlucht naar Egypte, en blijf daar totdat ik het u zal zeggen, want Herodes zal het Kind zoeken om Het om te brengen.

14Hij stond dan op, nam het Kind en Zijn moeder in de nacht met zich mee en vertrok naar Egypte.

15En hij bleef daar tot de dood van Herodes, opdat vervuld werd wat door de Heere gesproken is door de

2:15
Hos. 11:1
profeet: Uit Egypte heb Ik Mijn Zoon geroepen.

De kindermoord in Bethlehem

16Toen werd Herodes, die zag dat hij door de wijzen bedrogen was, verschrikkelijk kwaad. Hij stuurde er soldaten op uit en bracht al de kinderen om die er binnen Bethlehem en in heel dat gebied waren, van twee jaar oud en daaronder, in overeenstemming met de tijd die hij bij de wijzen nauwkeurig nagevraagd had.

17Toen is vervuld wat gesproken is door de profeet Jeremia:

18

2:18
Jer. 31:15
Een stem is in Rama gehoord, geklaag, gejammer en veel gekerm; Rachel huilde over haar kinderen, en wilde niet vertroost worden, omdat zij er niet meer zijn.

Naar Nazareth

19Toen Herodes gestorven was, zie, een engel van de Heere verschijnt Jozef in een droom, in Egypte,

20en zegt: Sta op, neem het Kind en Zijn moeder met u mee, en ga naar het land Israël, want zij die het Kind naar het leven stonden,2:20 die het Kind naar het leven stonden - Letterlijk: die de ziel van het Kind zochten. zijn gestorven.

21Hij stond dan op, nam het Kind en Zijn moeder met zich mee, en kwam in het land Israël.

22Toen hij echter hoorde dat Archelaüs in Judea koning was in de plaats van zijn vader Herodes, was hij bevreesd daarheen te gaan. Maar nadat zij door een aanwijzing van God in een droom gewaarschuwd waren, vertrok hij naar het gebied van Galilea.

23En toen hij daar gekomen was, ging hij wonen in een stad die Nazareth heette, opdat vervuld werd wat door de

2:23
Jes. 11:1
60:21
Zach. 6:12
profeten gezegd is: dat Hij Nazarener genoemd zal worden.

Door deze website verder te gebruiken ga je akkoord met plaatsing en gebruik van cookies door het NBG en derden conform onze privacyverklaring.[bericht verbergen]