Bijbel in Gewone Taal (BGT)
98

Psalm 98

981Een lied.

Zing een nieuw lied voor de Heer

Zing een nieuw lied voor de Heer,

want hij heeft wonderen gedaan.

Met zijn kracht en zijn macht

heeft hij vijanden overwonnen.

2De Heer heeft zijn volk bevrijd.

Alle volken hebben het gezien:

De Heer is goed.

3Hij houdt van Israël,

hij laat zijn volk niet in de steek.

Iedereen op aarde heeft het gezien:

onze God heeft zijn volk bevrijd!

4Laat heel de aarde juichen voor de Heer.

Juich, en zing een lied voor hem.

5Zing voor de Heer, speel op de harp,

speel op de harp en zing een lied.

6Blaas op fluiten en trompetten.

Juich voor de Heer, onze koning!

7Zee en alles wat daar leeft, laat je horen.

Juich, aarde met al je bewoners.

8Rivieren, klap in je handen.

Bergen, doe mee en juich!

9Juich voor de Heer, want hij komt,

hij komt als rechter van de aarde.

Hij zal eerlijk rechtspreken over alle volken,

zijn oordeel is rechtvaardig.

99

Psalm 99

De Heer is koning

991De Heer is koning,

zijn troon staat in de tempel.

Volken, heb eerbied voor hem.

Aarde, schud en beef!

2De Heer woont op de berg Sion.

Hij is machtig,

hij heerst over alle volken.

3Volken, juich voor hem,

want hij is sterk en machtig.

De Heer is heilig!

4De Heer is een machtige koning.

Hij vindt eerlijkheid belangrijk.

Hij zorgt voor rechtvaardige wetten,

en voor eerlijke rechtspraak in Israël.

5Breng eer aan de Heer, onze God

en kniel voor hem.

De Heer is heilig!

Breng eer aan de Heer

6Mozes en Aäron waren priesters van de Heer,

en ook Samuel diende hem.

Als zij de Heer riepen, gaf hij antwoord.

7Hij sprak met hen vanuit een wolk.

Hij gaf wetten en regels aan hen,

en zij hielden zich daaraan.

8De Heer, onze God, heeft hun geantwoord.

Hij heeft hun fouten vergeven,

maar hij strafte hen ook voor hun misdaden.

9Breng eer aan de Heer, onze God

en kniel voor zijn heilige berg.

Want de Heer, onze God, is heilig!

100

Psalm 100

1001Een lied om God te danken.

Juich voor de Heer

Laat iedereen juichen voor de Heer!

2Eer de Heer met vreugde.

Kom bij hem met een vrolijk lied.

3Zeg: ‘Ja, de Heer is God.

Hij heeft ons gemaakt.

Wij zijn van hem,

wij zijn zijn volk.

Hij zorgt voor ons,

zoals een herder voor zijn schapen zorgt.’

4Kom naar zijn tempel om hem te danken.

Kom in zijn huis en zing voor hem.

Dank hem en prijs hem.

5De Heer is goed.

Zijn liefde duurt eeuwig,

hij blijft altijd trouw.