Bijbel in Gewone Taal (BGT)
2

De Heer is nog niet gekomen

21-2Vrienden, luister goed. Op een dag komt onze Heer Jezus Christus terug, en wij zullen dan voor altijd bij hem zijn. Maar let op: sommige mensen zeggen dat het nu al zover is! Als je zoiets hoort, raak dan niet meteen in de war. Raak niet in paniek. Want het is niet waar! Ook al zeggen mensen dat het een boodschap van God zelf is, of de uitleg van een leraar, of dat het in een brief van mij staat.

Eerst komt de allerslechtste mens

3Laat je niet bedriegen, op geen enkele manier! Want voordat de Heer komt, zal er eerst nog iets anders gebeuren. De mensen zullen in opstand komen tegen God. Dat gebeurt als de slechtste van alle mensen de macht krijgt, de mens die door God zwaar gestraft zal worden.

4Die allerslechtste mens zal zich verzetten tegen alles wat goddelijk of heilig genoemd wordt. Want hij vindt alleen zichzelf belangrijk. Hij zal in de tempel op de troon van God gaan zitten, en zeggen dat hij God is.

De allerslechtste mens wil de macht

5Ik heb jullie al over de allerslechtste mens verteld toen ik bij jullie was. Dat weten jullie toch nog wel? 6-8Die allerslechtste mens is nu al in het geheim aan het werk. Maar hij kan de macht nog niet grijpen, want er is iemand die hem tegenhoudt. En jullie weten wel wie dat is. Maar straks zal degene die hem tegenhoudt, er niet meer zijn. Dan zal de allerslechtste mens de macht grijpen, op het moment dat God bepaald heeft.

Maar zodra de Heer Jezus komt, zal hij de allerslechtste mens vernietigen. De Heer hoeft alleen maar te spreken om hem te doden.

Satan stuurt de allerslechtste mens

9De komst van de allerslechtste mens is het werk van Satan. Die allerslechtste mens zal de macht hebben om wonderen en andere bijzondere dingen te doen. Zo kan hij de mensen bedriegen.

10Er zijn mensen die gered hadden kunnen worden, maar die niet in de waarheid wilden geloven. Met die mensen loopt het verkeerd af. Ze zullen verleid worden door de allerslechtste mens. 11God zorgt ervoor dat ze verkeerde ideeën krijgen en in leugens gaan geloven. 12Alle mensen die niet in de waarheid geloven, zullen veroordeeld worden. Want ze hebben gekozen voor het kwaad.

Mensen die geloven, worden gered

13Vrienden, de Heer houdt van jullie. Ik dank God altijd voor jullie, ik kan niet anders. Want God heeft jullie als eersten uitgekozen om gered te worden. Jullie worden gered door de heilige Geest en door jullie geloof in de waarheid.

14God heeft jullie uitgekozen om gered te worden. Daarom stuurde hij mij om het goede nieuws te vertellen. Jullie geloven in het goede nieuws. En daarom zullen ook jullie voor eeuwig leven, samen met onze Heer Jezus Christus.

Bid en werk

Twijfel niet

15Vrienden, twijfel niet, maar houd vast aan de juiste uitleg van het goede nieuws. Dat is de uitleg die ik gegeven heb toen ik bij jullie was, en die te vinden is in mijn brieven.

16-17God, onze Vader, houdt van ons. Hij is goed voor ons. Hij troost ons voor altijd, en hij geeft ons het vertrouwen dat het goed komt. Ik bid dat hij, en onze Heer Jezus Christus, jullie moed en kracht zullen geven. Dan kunnen jullie goede dingen blijven doen en zeggen.

3

De Heer is trouw

31Vrienden, ten slotte vraag ik: Bid voor mij. Bid dat ik het goede nieuws met succes verder bekend kan maken. Bid dat mensen grote eerbied zullen hebben voor dat nieuws, en dat ze gaan geloven, net zoals jullie. 2Bid ook dat God mij beschermt tegen mensen die verkeerd en slecht zijn omdat ze niet geloven. 3De Heer is trouw. Hij zal jullie kracht geven en beschermen tegen de macht van het kwaad.

4De Heer geeft mij het vertrouwen dat jullie doen wat ik wil. En dat jullie dat ook zullen blijven doen. 5Ik bid dat de Heer zal zorgen dat jullie met heel je hart van God houden, en dat jullie trouw zijn aan Christus.

Blijf gewoon je werk doen

6Vrienden, namens onze Heer Jezus Christus verbied ik jullie om contact te hebben met christenen die niet leven zoals het hoort. Die christenen houden zich niet aan de uitleg die ze van mij gekregen hebben.

7Ik heb het goede voorbeeld gegeven, jullie weten hoe het hoort. Want toen ik bij jullie was, heb ik ontzettend hard gewerkt. 8Ik vroeg toen niemand van jullie om voor mij te zorgen. Nee, ik werkte dag en nacht. Ik was bij jullie zonder dat het jullie iets kostte. 9Natuurlijk had ik er wel recht op dat jullie voor mij zouden zorgen. Maar ik wilde dat niet. Want zo kon ik jullie het goede voorbeeld geven.

10-11Toen ik bij jullie was, heb ik jullie deze regel duidelijk uitgelegd: iemand die niet wil werken, krijgt ook geen eten. Zijn jullie dat vergeten? Ik heb namelijk gehoord dat sommigen van jullie niet willen leven zoals het hoort. Ze willen niet werken, maar ze houden zich bezig met dingen die geen nut hebben. 12Namens de Heer Jezus Christus waarschuw ik zulke mensen. En ik geef hun de volgende opdracht: blijf gewoon je werk doen en verdien je eigen brood.

Slot van de brief

Blijf het goede doen

13Vrienden, blijf steeds het goede doen. 14Pas op voor mensen die zich niets aantrekken van wat ik schrijf! Ga niet meer met hen om. Misschien zullen ze zich dan schamen. 15Maar behandel hen niet als vijanden. Waarschuw hen zoals je vrienden waarschuwt.

16Ik bid dat de Heer van de vrede jullie zijn vrede geeft, altijd en op alle mogelijke manieren. En dat hij goed zorgt voor jullie allemaal.

Groeten van Paulus

17De laatste woorden van deze brief schrijf ik, Paulus, zelf. Dat doe ik in al mijn brieven. Dan weten jullie dat het echt een brief van mij is. Ik groet jullie, 18en wens jullie toe dat onze Heer Jezus Christus goed is voor jullie allemaal.