Nieuwe Bijbelvertaling (NBV)

51

5:1
Joh. 8:36
Hand. 15:10
Gal. 2:4
Christus heeft ons bevrijd opdat wij in vrijheid zouden leven; houd dus stand en laat u niet opnieuw een slavenjuk opleggen. 2Luister naar wat ik, Paulus, tegen u zeg: als u zich laat besnijden, zal Christus u niets baten. 3
5:3
Deut. 27:26
Rom. 2:25
Jak. 2:10
Ik verzeker u dat iedereen die zich laat besnijden verplicht is om de wet volledig na te leven. 4Als u probeert door God als een rechtvaardige te worden aangenomen door de wet na te leven, bent u van Christus losgemaakt en hebt u Gods genade verspeeld. 5Want door de Geest hopen en verwachten wij dat we op grond van geloof als rechtvaardigen worden aangenomen. 6
5:6
1 Kor. 7:19
Gal. 6:15
In Christus Jezus is het volkomen onbelangrijk of men wel of niet besneden is. Belangrijk is dat men gelooft en de liefde kent, die het geloof zijn kracht verleent.

7U was zo goed op weg, wie heeft u verhinderd de waarheid te blijven volgen? 8Niet hij die u geroepen heeft. 9

5:9
1 Kor. 5:6
Bedenk goed: Al een beetje desem maakt het hele deeg zuur. 10
5:10
Gal. 1:7
De Heer geeft mij de overtuiging dat u en ik het daar volledig over eens zijn. Maar degenen die u in verwarring brengen zullen worden gestraft, wie ze ook zijn. 11
5:11
1 Kor. 1:23
Gal. 6:12
En wat mijzelf betreft, broeders en zusters, als ik nog altijd de besnijdenis zou verkondigen, waarom word ik dan vervolgd? Dan zou het kruis toch zijn kracht verliezen en niet langer een struikelblok zijn? 12Ze moesten zich laten castreren, die onruststokers!

Leven door de Geest

13

5:13
Rom. 6:15
1 Petr. 2:16
Judas 4
Broeders en zusters, u bent geroepen om vrij te zijn. Misbruik die vrijheid niet om uw eigen verlangens te bevredigen, maar dien elkaar in liefde, 14
5:14
Lev. 19:18
Mat. 5:43
19:19
22:39
Rom. 13:8-10
Jak. 2:8
want de hele wet is vervuld in één uitspraak: ‘Heb uw naaste lief als uzelf.’ 15Maar wanneer u elkaar aanvliegt, pas dan maar op dat u niet door elkaar wordt verslonden. 16
5:16
Rom. 8:4
Ik zeg u dus: laat u leiden door de Geest, dan bent u niet gericht op uw eigen begeerten. 17
5:17
Rom. 7:15-23
Wat wij uit onszelf najagen is in strijd met de Geest, en wat de Geest verlangt is in strijd met onszelf. Het een gaat in tegen het ander, dus u kunt niet doen wat u maar wilt. 18Maar wanneer u door de Geest geleid wordt, bent u niet onderworpen aan de wet. 19
5:19-21
1 Kor. 6:9-10
Het is bekend wat onze eigen wil allemaal teweegbrengt: ontucht, zedeloosheid en losbandigheid, 20afgoderij en toverij, vijandschap, tweespalt, jaloezie en woede, gekonkel, geruzie en rivaliteit, 21afgunst, bras- en slemppartijen, en nog meer van dat soort dingen. Ik herhaal de waarschuwing die ik u al eerder gaf: wie zich aan deze dingen overgeven, zullen geen deel hebben aan het koninkrijk van God. 22
5:22
2 Kor. 6:6
1 Tim. 4:12
2 Petr. 1:5-7
Maar de vrucht van de Geest is liefde, vreugde en vrede, geduld, vriendelijkheid en goedheid, geloof, 23
5:23
1 Tim. 1:9
zachtmoedigheid en zelfbeheersing. Er is geen wet die daar iets tegen heeft. 24
5:24
Rom. 6:6
Wie Christus Jezus toebehoort, heeft zijn eigen natuur met alle hartstocht en begeerte aan het kruis geslagen. 25
5:25
Rom. 8:14
Wanneer de Geest ons leven leidt, laten we dan ook de richting volgen die de Geest ons wijst. 26Laten we elkaar niet uit eigenwaan de voet dwars zetten en elkaar geen kwaad hart toedragen.