Artikel

Mesopotamische godsdienst

In Mesopotamië werden verschillende goden vereerd, die verzameld waren in een godenraad. De mensen communiceerden met de goden via voortekens.

Godenraad

Volgens de Mesopotamische mythologie kwamen de goden een keer per jaar in een raad bij elkaar in het paleis van de belangrijkste god. Ze namen dan beslissingen over belangrijke zaken. De aardse variant van het hemelse paleis was de tempel van de belangrijkste stad van het land. Ieder jaar brachten de mensen in een processie godenbeelden naar die tempel toe.

Communicatie tussen mensen en goden

Het lot van de mensen werd door de goden bepaald. Maar mensen konden proberen daar invloed op uit te oefenen met gebeden of bezweringen. Daarom was het belangrijk om een bemiddelaar te hebben in de godenwereld, een zogenaamde persoonlijke god. Die kon je zaak bepleiten bij de invloedrijke goden.
De mensen konden ook communiceren met de goden via voortekens. Die voortekens werden afgeleid uit de ingewanden van offerdieren, uit de sterren, uit olievlekken in een offerbeker en uit dromen.

Belangrijkste goden in de vroege periode

In de vroege periode van de Mesopotamische godsdienst (tot het einde van het tweede millennium voor Christus) waren de belangrijkste goden:

  • de hemelgod An;
  • de god Enlil, die bij de schepping hemel en aarde uit elkaar duwde en heer van de wereld werd;
  • Ea, de schepper van de mensen, die de macht had over het water onder de aarde;
  • Isjtar, de godin van strijd en seksualiteit, vergelijkbaar met de bijbelse Astarte.

Belangrijkste goden in de latere periode

Aan het eind van het tweede millennium voor Christus werd de invloed van de god Marduk (Bel) steeds groter. Dat had te maken met de opkomst van de stadstaat Babel, waarvan Marduk de beschermgod was. In het noordelijke deel van Mesopotamië, Assyrië, werd Asjoer (Assur) als belangrijkste god vereerd. Een Assyrische god die in de Bijbel wordt genoemd is Nisroch.

Mesopotamische goden in de Bijbel

In de Bijbel komen verschillende namen van Mesopotamische goden voor, bijvoorbeeld Marduk in Jeremia 50:2, en Bel in Jesaja 46:1 en Jeremia 51:44. De namen van de koningen Ewil-Merodach en Merodach-Baladan, en mogelijk ook de naam Mordechai, zijn afgeleid van de naam Marduk. De naam Ester is de Hebreeuwse versie van Isjtar, de bekende Mesopotamische godin.

Bijbelverzen

  • Jeremia 50:2
  • Jeremia 51:44
  • Jesaja 46:1