Artikel

Nahum: bijbelboek

Het boek Nahum is het zevende boek van het Twaalfprofetenboek.

Titel van het boek

Het boek Nahum is genoemd naar Nahum uit Elkos, een verder niet bekende profeet uit de zevende eeuw voor Christus.
Het is goed mogelijk dat zowel Nahum als Elkos pseudoniemen zijn. De naam Nahum betekent ‘trooster’. In Nahum 3:7 wordt de naam verklaard met de opmerking dat niemand het verwoeste Nineve troost. Ook de naam Elkos heeft een veelzeggende betekenis: ‘God is streng’.

Inhoud

Het boek Nahum bevat een profetie over de ondergang van Nineve, de hoofdstad van het machtige Assyrische rijk.
Nahum richt zich tot de Israëlieten die lijden onder de Assyrische overheersing. De Assyriërs zijn in 664 voor Christus doorgedrongen tot in het hart van Egypte en hebben toen de stad Thebe innamen. Het boek Nahum verwijst daarnaar in Nahum 3:8, en stelt dat Nineve hetzelfde lot zal ondergaan. Uit Mesopotamische bronnen is bekend dat Nineve in 612 voor Christus ook daadwerkelijk is ingenomen, door toedoen van de Babyloniërs en de Meden.

Thema

Het hoofdthema van Nahum is de macht van God: God zal wraak nemen. Driemaal stelt Nahum in de eerste verzen van het boek dat God een wreker is. Dat wordt gekoppeld aan de belijdenis uit Exodus 34:6-7 dat God ‘liefdevol is en genadig, geduldig, trouw en waarachtig […] maar niet alles ongestraft laat’. Gods wraak is dus geen uiting van blinde haat, maar de consequentie van zijn voornemen om recht te doen.
Voor de verdrukten is de goede boodschap dat het kwaad niet ongestraft blijft. Zij mogen zich verheugen in de goedheid van God (Nahum 1:7) en dat vieren (Nahum 2:1). De profeet wil met zijn woorden de Judeeërs moed inspreken tijdens de zware onderdrukking en uitbuiting door de Assyriërs.

Kenmerken

De schrijver van het boek Nahum speelt vakkundig met taal. Veel beelden waarmee hij legers en hun verwoestende werk beschrijft, lijken op de brallerige oorlogstaal in teksten van Assyrische koningen. Het begin van het boek lijkt ook op literaire vormen van Assyrische schrijvers. Waarschijnlijk was Nahum een schrijver aan het hof in Jeruzalem, mogelijk onder koning Manasse. Zo iemand was door zijn beroep vertrouwd met internationale correspondentie. Nahum verwoordt een kritische boodschap. Mogelijk zou dat het gebruik van een schuilnaam kunnen verklaren.
De hymnische passage in Nahum 1 is geschreven in een nu en dan bijzonder levendige poëtische stijl.

Parallellen met andere boeken

Er zijn parallellen tussen Nahum en Jona en Micha.
In Jona en Nahum speelt de oude belijdenis uit Exodus 34:6-7 een centrale rol: God is genadig en geduldig, maar laat niet alles ongestraft (zie Jona 4:2 en Nahum 1:3)
Via deze belijdenis is het boek Nahum ook verbonden met het voorafgaande boek Micha (zie Micha 7:18).