Rachel
Artikel

Rachel

Rachel is een van de stammoeders van het volk van Israël. Ze is de geliefde vrouw van Jakob en de moeder van Jozef en Benjamin. Maar ze is ook een vrouw die de situatie graag naar haar hand zet. 
In latere teksten staat Rachel symbool voor de moeders van Israël.

De naam Rachel

De naam Rachel betekent ‘schaap’. Ook de naam van haar zus Lea verwijst naar een dierennaam.
Rachel is de vrouw van de aartsvader Jakob. Ze is de jongere zus van Lea, en de dochter van Laban, de broer van Jakobs moeder Rebekka

De vrouw van wie Jakob houdt

Jakob ontmoet Rachel bij een waterbron en is op slag verliefd. Jakob is bereid om zeven jaar voor haar te werken bij zijn oom Laban, maar Laban bedriegt hem. Hij laat Jakob eerst trouwen met Rachels oudere zus Lea. Een week later mag hij alsnog met Rachel trouwen, op voorwaarde dat hij nog eens zeven jaar voor Laban werkt.
Rachel is lange tijd onvruchtbaar, maar uiteindelijk krijgt ze twee zonen, Jozef en Benjamin. Rachel overlijdt bij de geboorte van haar tweede zoon. Zij noemt hem Ben-Oni (‘zoon van verdriet’), maar Jakob verandert zijn naam in Benjamin (‘zoon van geluk’). 
Jakob begraaft Rachel langs de weg naar Efrat (Betlehem). 

Rachel zet de dingen naar haar hand

Rachel komt er meestal goed af in vergelijking met haar zus Lea. Maar wie de verhalen goed leest, ziet dat ze vaak probeert de situatie naar haar hand te zetten. Als blijkt dat ze geen kinderen kan krijgen, geeft ze haar slavin Bilha aan Jakob tot vrouw om via haar kinderen te krijgen. 
Ook steelt ze de godenbeeldjes van haar vader Laban en verstopt die in het zadel van haar rijdier. Ze doet alsof ze menstrueert en daarom niet op kan staan. Zo weet ze te voorkomen dat Laban de godenbeeldjes ontdekt (Genesis 31:19–35).

Symbool voor moeders van Israël

In Jeremia 31:15 staat Rachel symbool voor de moeders van Israël die huilen om hun zonen die weggevoerd zijn naar Babylonië. De evangelist Matteüs haalt deze tekst aan in Matteüs 2:18, en geeft er een nieuwe betekenis aan: hij past deze tekst toe op de moeders van Betlehem die huilen om hun vermoorde kinderen.

Bijbelverzen

  • 1 Samuel 10:2
  • Jeremia 31:15
  • Matteüs 2:18
  • Genesis 29-31
  • Genesis 35:16-20
  • Ruth 4:11