Artikel

Jesaja 1-39

De eerste verzameling profetieën is te vinden in Jesaja 1-39. Dit gedeelte wordt ook wel Proto-Jesaja genoemd, ‘de eerste Jesaja’.

Inhoud

In Jesaja 1-39 kunnen zes onderdelen onderscheiden worden:

  • Jesaja 1-5: een algemene inleiding op de profetie van Jesaja, en een aantal profetieën over Juda en Jeruzalem.
  • Jesaja 6-12: vooral autobiografische gegevens over Jesaja. Zijn optreden wordt geplaatst ten tijde van koning Achaz. De profetieën gaan over de ondergang van Assyrië en over de komst van een vredevorst en een vrederijk. Aan het slot is een danklied opgenomen.
  • Jesaja 13-23: een verzameling van profetieën die vooral tegen andere volken gericht zijn, bijvoorbeeld tegen Babel.
  • Jesaja 24-27: dit gedeelte wordt ook wel de Apocalyps van Jesaja genoemd (zie apocalyptiek). Dit soort apocalyptische literatuur kennen we ook uit de boeken Joël en Zacharia, en vooral uit het boek Daniël.
  • Jesaja 28-35: profetieën over de bedreiging van Jeruzalem door de Assyrische koning Sanherib omstreeks 701 voor Christus. Ze worden gevolgd door profetieën die bedoeld zijn om mensen in een noodsituatie moed in te spreken en hoop te geven op een nieuwe toekomst.
  • Jesaja 36-39: een verhalende tekst over het optreden van Jesaja ten tijde van het beleg van Jeruzalem door Sanherib, en vooral over zijn houding tegenover koning Hizkia in die tijd.

Thema’s

Belangrijke thema’s in de profetische uitspraken van Jesaja zijn:

  • het Davidische koningshuis;
  • Jeruzalem als koningsstad en plaats van de tempel;
  • kritiek op cultische en sociale misstanden;
  • de ondergang van vijandige volken.

Een opvallend motief is de dag van de HEER: de dag waarop God niet alleen straft, maar ook redding zal brengen.
In veel van zijn profetieën roept Jesaja op tot een andere levenswandel. Op verwijtende toon stelt hij verwerpelijk gedrag aan de kaak.
Maar Jesaja bemoedigt ook, met heilsaankondigingen die soms gaan over de komst van een messiaanse figuur met de naam Immanuel. Immanuel betekent: ‘God met ons’ (zie bijvoorbeeld Jesaja 7:14).

Stijl

Het proza in Jesaja 1-39 heeft een vrij neutrale stijl.
De stijl van de poëzie is beeldend, krachtig en compact. Het taalgebruik is vaak tamelijk verheven, behalve als de profeet onverbloemd en scherp over misstanden spreekt.

Datering

Waarschijnlijk heeft de profeet Jesaja geleefd en geprofeteerd tussen ongeveer 750 en 700 voor Christus. In de eeuw daarna werden zijn woorden waarschijnlijk voor het eerst opgeschreven en bewerkt.