Ruth
Artikel

Ruth

Ruth is een vrouw uit het land Moab. Ze komt als vreemdeling met haar schoonmoeder Noömi mee naar Israël. Daar trouwt Ruth met Boaz, een man uit Betlehem. Zo wordt ze de overgrootmoeder van koning David. Deze geschiedenis wordt beschreven in het bijbelboek Ruth.

De naam Ruth

De naam Ruth doet denken aan twee Hebreeuwse woorden: ‘vriendin’ en ‘verzadigd worden’. Beide woorden omschrijven Ruths rol tegenover Noömi: Ruth blijft trouw aan haar schoonmoeder en voorziet in haar levensonderhoud.

Voormoeder van David

Als er in Israël een hongersnood uitbreekt, verkopen Noömi en haar man alles en gaan met hun twee zonen naar Moab. In Moab trouwen de zonen met Moabitische meisjes: Kiljon met Orpa en Machlon met Ruth. Nadat haar man en zonen zijn overleden, besluit Noömi terug te gaan naar Betlehem. Ruth gaat met haar mee.
Volgens het recht van de armen en de vreemdelingen mag Ruth koren oprapen op de akker van een ander (Leviticus 23:22). Ze belandt op de akker van Boaz, een rijk familielid van Noömi. Tijdens een nachtelijke ontmoeting op de dorsvloer vraagt Ruth aan Boaz om als losser op te treden. Boaz is bereid om de bezittingen van Noömi terug te kopen, te trouwen met Ruth en zo te zorgen voor nakomelingen. Uit het huwelijk van Boaz en Ruth wordt Obed geboren, de grootvader van koning David.

Een bijzondere vrouw uit Moab

Het Oude Testament spreekt vaak negatief over het land Moab. De Moabieten weigeren Israël eten en drinken te geven tijdens de uittocht uit Egypte (Deuteronomium 23:4). En Moabitische vrouwen verleiden de Israëlieten om andere goden te vereren (Numeri 25:1-5).
Ruth zet dat negatieve beeld op z’n kop. Zij zorgt voor voedsel voor haar Israëlitische schoonmoeder. Zij gaat ’s nachts naar de dorsvloer. Niet om Boaz te verleiden, maar om te vragen of hij het losserschap op zich wil nemen.
Ruth wordt geprezen als een trouwe en bijzondere vrouw (Ruth 3:11). De oudsten van Betlehem vergelijken haar met Lea en Rachel. Net als deze stammoeders mag Ruth bijdragen aan het voortbestaan van Israël.

Voormoeder van Jezus

In het Oude Testament komt de naam 'Ruth' alleen voor in het boek dat naar haar is genoemd. In het Nieuwe Testament noemt Matteüs haar als een van de voormoeders van Jezus (Matteüs 1:5).

Bijbelverzen

  • Leviticus 23:22
  • Leviticus 25:25-55
  • Numeri 25:1-5
  • Deuteronomium 25:5-10
  • Ruth 1-4
  • Matteüs 1:5
  • Genesis 19:30-38
  • Deuteronomium 23:4