Artikel

zwagerplicht

De zwagerplicht is een bijbels gebruik, dat ook bekend is als het zwagerhuwelijk of het leviraatshuwelijk (levir is het latijns woord voor zwager). Als een man kinderloos stierf, moest zijn broer of een ander familielid met de weduwe trouwen.

Achtergrond van de zwagerplicht

De zwagerplicht was bedoeld om ervoor te zorgen dat de familielijn doorgezet werd. Als een man overleed zonder kinderen te hebben verwekt, zou zijn naam en herinnering verdwijnen. Daarom moest een zwager een zoon bij de weduwe verwekken (Deuteronomium 25:5-6).
Door het zwagerhuwelijk bleven bovendien de bezittingen in de familie van de overleden man. En het was een manier om ervoor te zorgen dat de weduwe niet rechteloos achterbleef.
Het gold als een grote schande als iemand weigerde om met de weduwe van zijn overleden broer te trouwen (Deuteronomium 25:7-10).

Bekende verhalen

Het zwagerhuwelijk komt zowel in het Oude Testament als in het Nieuwe Testament voor. Bekende voorbeelden zijn:

  • Tamar en Onan (Genesis 38:8-10)
  • Ruth en Boaz (Ruth 3-4)
  • de vrouw en de zeven broers (Matteüs 22:23-33)

Zwagerplicht bij andere volken

Ook bij een aantal volken rondom Israël kwam de zwagerplicht voor. Er zijn Assyrische wetten over een vorm van zwagerhuwelijk gevonden. Deze plicht gold ook al als alleen de intentie om te trouwen uitgesproken was en de toekomstige echtgenoot voortijdig overleed. Ook in andere teksten uit het Oude Nabije Oosten, zoals van de Hethieten en uit Ugarit, zijn fragmenten over de zwagerplicht gevonden.

Bijbelverzen

  • Deuteronomium 25:5-10
  • Ruth 3-4
  • Matteüs 22:23-33
  • Genesis 38:8-10