De lofprijzing van Christus in Filippenzen 2:6-11
Document

De lofprijzing van Christus in Filippenzen 2:6-11

Matthijs de Jong, "De lofprijzing van Christus in Filippenzen 2:6-11. Aantekeningen bij het oecumenisch leesrooster (kerst 2008)", in: Met Andere Woorden 27 (3), Haarlem 2008.

Over weinig teksten in De Nieuwe Bijbelvertaling (NBV) is zoveel gediscussieerd als over Filippenzen 2:6-11. In deze bespreking komen verschillende discussiepunten aan de orde. We behandelen de vraag of Filippenzen 2:6-11 als proza dan wel als poëzie moet worden weergeven. Daarna bespreken we enkele vertaalproblemen binnen vers 6-7 en geven we een typering van de passage als geheel. De uitleg die wordt voorgesteld is dat Christus, anders dan de machthebbers in zijn tijd die zichzelf graag als ‘godgelijk’ presenteerden, juist kwam om mensen te dienen. Omdat hij zijn goddelijke waardigheid vrijwillig heeft afgelegd en zichzelf ten diepste liet vernederen, heeft God hem de allerhoogste positie gegeven.
Filippenzen 2:5-11 staat op het leesrooster voor 25 december 2008. Vanwege de omvang is deze bijdrage bij het leesrooster als apart artikel opgenomen.

Oecumenisch leesrooster

 

Bijbelverzen

  • Filippenzen 2:6-11