Artikel

Job: opbouw

Het hart van het boek wordt gevormd door 39 hoofdstukken poëzie, die omlijst worden door een verhaal.

Verhaal en poëzie

Het boek Job bestaat uit een reeks poëtische monologen en dialogen (Job 3:1-42:6) binnen het kader van een verhaal in proza (Job 1-2 en Job 42:7-17).
In het poëtische middendeel lijkt Job een ander karakter te hebben dan in het verhaal. In het verhalende gedeelte verdedigt Job God. Maar in de poëzie uit hij zich steeds opstandiger. Nu wordt God verdedigd door Jobs vrienden.

Indeling

Het boek kan in elf delen ingedeeld worden:

  • Job 1-2: Proloog: de rechtschapen Job wordt beproefd.
  • Job 3: De klacht van Job.
  • Job 4-14: Eerste gesprek tussen Job en zijn vrienden.
  • Job 15-21: Tweede gesprek tussen Job en zijn vrienden.
  • Job 22-27: Derde gesprek tussen Job en zijn vrienden.
  • Job 28: Lofzang op de wijsheid.
  • Job 29-31: Job daagt God uit.
  • Job 32-37: De betogen van Elihu.
  • Job 38-41: De reactie van God.
  • Job 42:1-6: Job herroept zijn uitdaging.
  • Job 42:7-17: Epiloog: Job wordt in ere hersteld.