Dag 1

Bijbeltekst(en)

God heeft Abraham en Sara beloofd dat ze een kind zullen krijgen. Maar de vervulling van die belofte laat lang op zich wachten. Abraham en Sara vinden het moeilijk om op God te vertrouwen en kiezen daarom voor een eigen oplossing: Sara zegt tegen Abraham dat hij dan maar een kind moet krijgen met haar slavin, Hagar. Ismaël wordt geboren, een onwettig kind, dat geboren is buiten de belofte van God om. Toch houdt God van dit kind en ontfermt Hij zich erover.
Als Sara uiteindelijk zelf een zoon heeft gekregen, Isaak, wil ze dat Hagar vertrekt. Abraham stuurt Hagar met Ismaël de woestijn in. Als ze daar geen water meer kunnen vinden, is Hagar bang dat Ismaël zal sterven. Maar God grijpt in. Hij hoort het hulpgeroep van het kind en voorziet in wat nodig is.

God houdt van ieder kind. Wat hun achtergrond ook is, God heeft goede plannen met alle kinderen en wil hun leven zegenen. Hij hoort hun hulpgeroep en ziet naar hen om.
Denk eens aan je eigen kinderen, of neem een paar kinderen in je omgeving in gedachten. Bedenk dan dat God hun gebeden hoort, hun vragen om hulp serieus neemt. Ook al zijn ze misschien in moeilijke omstandigheden, God laat hen niet in de steek!