Dag 16

Bijbeltekst(en)

Wij zijn Gods eigendom, maar slaven zijn we niet. Doordat God ons zijn heilige Geest geeft, die in ons woont, leeft God zelf in ons. En wij zijn zijn kinderen. De kloof tussen hemel en aarde is groot, voor ons onoverbrugbaar.

Toch is er, dankzij Gods Geest, een voortdurende verbinding. Het leven naar Gods wil wordt niet afgedwongen – zoals bij slaven die hun meester dienen – maar het is iets wat de Geest ons ingeeft, en wij kunnen er in alle vrijheid voor kiezen om ermee in te stemmen.

Wat dit betekent legt Paulus uit door het leven volgens aardse maatstaven en het leven volgens de Geest met elkaar te vergelijken. Het ene staat in het teken van zonde en dood, het andere in het teken van Gods wil en leven. De vertaling met ‘aardse’ (aardse natuur, aardse maatstaven, aardse streven) maakt duidelijk dat het iets is in onszelf en dat we als mens tegelijk gevangenzitten in de macht die het over ons heeft.

De Geest geeft dus een dubbele bevrijding. Als je Gods kind bent, ben je als het ware een zus of broer van Jezus. Dan is het een kleine stap om te zeggen dat je ook deelt in de erfenis van de Vader: de hemelse luister van het leven bij God.

Laat je je weleens door angst leiden? Wat zou er gebeuren als je je op die momenten heel bewust zou richten op God als ‘Abba, Vader’?