21 maart - Voorleesdag

Met Gods hulp zijn twee steden veroverd. Ooit beloofde God aan Abraham dat Hij dit land aan zijn nageslacht zou geven. Abraham bouwde toen een altaar, dat was vlak bij Ai (Genesis 12:8). Nu is, eeuwen later, een begin gemaakt met de vervulling van deze belofte van God. Nu bouwt Jozua tot eer van God een altaar. Het is het begin van een natie. Jozua leest aan allen die tot het volk behoren en de vreemdelingen (zoals Rachab en haar familie) wat vanaf nu de wetten zijn binnen dit beloofde land. Het is de grondwet voor nu en voor komende generaties.

Probeer je eens voor te stellen hoe het volk zich voelde. Eindelijk waren ze thuis in het beloofde land!