1 juli - Groot en klein

Bijbeltekst(en)

Johannes de Doper kende de profeten goed. Zij spraken al over hem, met woorden als: ‘Ik stuur iemand vooruit die de weg moet banen.’

Maar nu zit Johannes in de gevangenis, alle mooie woorden van de profeten ten spijt. En hij vraagt zich af: Is Jezus degene voor wie ik de weg moest banen?

Dan komen zijn leerlingen met het antwoord van Jezus: ‘Blinde mensen kunnen weer zien, (…) arme mensen horen het goede nieuws.’ En dan weet hij: Ja, het is Jezus.

Johannes, die de profeten kent, herkent wat Jezus zegt. Jezus roept teksten uit Jesaja in herinnering, zoals Jesaja 29:18-19. Daarmee laat Hij aan Johannes weten: je mag blijven vertrouwen op die woorden, je mag blijven vertrouwen op Mij.

Wat heb jij nodig om op Jezus te vertrouwen?