24 oktober - Priester-Koning

Psalm 110 hoort bij de ‘koningspsalmen’, liederen over de koning. De eerste christenen zagen deze psalm als messiaanse psalm, een lied over de redder die God heeft beloofd: Jezus (Handelingen 2:34-35).

De koning is tegelijkertijd priester. Hij is dus verantwoordelijk voor het beschermen van zijn volk en voor de godsdienstige zaken. Hij is zoals Melchisedek (Genesis 14:18-20), die ook een priester-koning was. Hij gaf Abraham eten én de zegen.

De koning in Psalm 110 is bij alles afhankelijk van God: God geeft hem de macht en de mogelijkheden om de strijd te winnen.

Probeer de taken van een priester en die van een koning te beschrijven. Hoe komen deze samen in Jezus?