Herziene Statenvertaling (HSV)
10

Vervolg van Psalm 9: Gebed in bange tijden

101HEERE, waarom blijft U van verre staan?

Waarom verbergt U Zich in tijden van benauwdheid?

2Fel en hoogmoedig achtervolgt de goddeloze de ellendige.

10:2
Ps. 7:16
9:16
Spr. 5:22
Laat hen gegrepen worden in de listige plannen die zij bedacht hebben!

3Want de goddeloze beroemt zich over zijn hartenwens;10:3 zijn hartenwens - Letterlijk: de wens van zijn ziel.

hij zegent de hebzuchtige, hij lastert de HEERE.

4De goddeloze, met zijn neus trots omhoog, onderzoekt niet.

10:4
Ps. 14:1
53:2
Al zijn gedachten zijn: Er is geen God!

5Zijn wegen bezorgen te allen tijde verdriet.

Uw oordelen gaan hem te hoog, hij houdt ze ver van zich;

al zijn tegenstanders blaast hij weg.

6Hij zegt in zijn hart: Ik zal niet wankelen,

want van generatie op generatie zal mij geen onheil treffen.

7

10:7
Rom. 3:14
Zijn mond is vol vervloeking, bedrog en list,

onder zijn tong is kwaad en onrecht.

8Hij ligt in een hinderlaag in de dorpen,

op verborgen plaatsen doodt hij de onschuldige,

zijn ogen loeren op de arme.

9Hij ligt in een hinderlaag op een verborgen plaats,

zoals een leeuw in zijn schuilplaats;

hij ligt in een hinderlaag om de ellendige te overvallen,

hij overvalt de ellendige als hij hem in zijn net trekt.

10Hij duikt neer, hij bukt zich,

en de arme valt in zijn sterke poten.

11

10:11
Ps. 94:7
Hij zegt in zijn hart: God heeft het vergeten,

Hij heeft Zijn aangezicht verborgen,

Hij ziet het in eeuwigheid niet.

12Sta op, HEERE God, hef Uw hand op,

vergeet de ellendigen niet.

13Waarom lastert de goddeloze God?

Waarom zegt hij in zijn hart: U zult geen rekenschap eisen?

14Ú ziet het wél, want U aanschouwt de moeite en het verdriet,

opdat men het in Uw hand geeft;

op Ú verlaat de arme zich,

U bent geweest een Helper van de wees.

15Breek de arm van de goddeloze en de kwaaddoener,

eis rekenschap van hem over zijn goddeloosheid, tot U er niets meer van vindt.

16

10:16
Ps. 29:10
145:13
146:10
Jer. 10:10
Klaagl. 5:19
Dan. 4:3
6:27
1 Tim. 1:17
De HEERE is Koning, eeuwig en altijd;

de heidenvolken zijn uit Zijn land verdwenen.

17U hebt de wens van de zachtmoedigen gehoord, HEERE,

U zult hun hart versterken, Uw oor zal er acht op slaan

18om de wees en de verdrukte recht te doen.

Dan zal een aardse sterveling10:18 een aardse sterveling - Letterlijk: een sterveling uit de aarde. voortaan geen geweld meer bedrijven.