Herziene Statenvertaling (HSV)
4

De afval in de laatste tijden

41Maar

4:1
2 Tim. 3:1
2 Petr. 3:3
de Geest zegt uitdrukkelijk dat in latere tijden sommigen
4:1
Matt. 24:23
2 Thess. 2:3
afvallig zullen worden van het geloof en zich zullen wenden tot misleidende geesten en leringen van demonen,

2door huichelarij van leugenaars, die hun eigen geweten als met een brandijzer hebben toegeschroeid.

3Zij verbieden te trouwen en gebieden zich te onthouden van voedsel, dat God geschapen heeft voor de gelovigen en voor hen die de waarheid hebben leren kennen, om

4:3
Rom. 14:6
1 Kor. 10:30
onder dankzegging
4:3
Gen. 1:29
9:3
aanvaard te worden.

4

4:4
Gen. 1:31
Hand. 10:15
Rom. 14:14
Want alles wat God geschapen heeft, is goed en niets is verwerpelijk, wanneer het onder dankzegging aanvaard wordt.

5Want het wordt geheiligd door het Woord van God en door het gebed.

De taak van Timotheüs

6Als u de broeders deze dingen voorhoudt, zult u een goed dienaar van Jezus Christus zijn,

4:6
2 Tim. 1:5
3:14,15
gevoed door de woorden van het geloof en door de goede leer, die u nagevolgd hebt.

7

4:7
1 Tim. 1:4
6:20
2 Tim. 2:16
Tit. 1:14
3:9
Maar verwerp de onheilige en onzinnige verzinsels en oefen uzelf in de godsvrucht.

8

4:8
Kol. 2:23
Want de oefening van het lichaam is van weinig nut, maar de godsvrucht is nuttig voor alle dingen, omdat zij de belofte van het tegenwoordige en van het toekomende leven heeft.

9Dit is een betrouwbaar woord en alle aanneming waard.

10Want daarvoor spannen wij ons ook in en worden wij gesmaad, omdat wij onze hoop gevestigd hebben op de levende God, Die een Behouder is van alle mensen, in het bijzonder van de gelovigen.

11Beveel deze dingen en onderwijs ze.

12

4:12
Tit. 2:15
Laat niemand u minachten vanwege uw jeugdige leeftijd,
4:12
Tit. 2:7
1 Petr. 5:3
maar wees een voorbeeld voor de gelovigen in woord, in wandel, in liefde, in geest, in geloof en in reinheid.

13Blijf bezig met het voorlezen, met het vermanen, met het onderwijzen, totdat ik kom.

14Veronachtzaam de genadegave niet die in u is en die u gegeven is door profetie,

4:14
Hand. 6:6
8:17
13:3
19:6
1 Tim. 5:22
2 Tim. 1:6
met handoplegging door de raad van ouderlingen.

15Overdenk deze dingen, leef erin, opdat uw vorderingen op elk gebied openbaar worden.

16Geef acht op uzelf en op de leer. Volhard daarin. Want wanneer u dat doet, zult u zowel uzelf behouden als hen die u horen.