Oer en de Bijbel: gaat dat wel samen?

Interview en tekst: Peter Siebe

In no time verschenen er al acht drukken van Oer, het grote verhaal van nul tot nu. Een boek dat probeert de scheppingsverhalen uit de Bijbel – de aarde werd in zeven dagen geschapen en Adam werd geboetseerd uit klei – te verbinden met de wetenschap – de wereld is 4,5 miljard jaar oud en de mens evolueerde uit aapachtigen. Wat bezielde schrijfster Corien Oranje en haar mede-auteurs, en hoe verhoudt zich Oer tot de Bijbel?

Het boek is actueel: zelfs het coronavirus is erin verwerkt. Meteen vanaf de verschijning in mei kreeg Oer veel aandacht en waardering. Dagblad Trouw bijvoorbeeld gaf een compliment voor haar vertelkunst aan schrijfster Corien Oranje.

De ik-figuur in het boek is Proton. Hij maakt de hele geschiedenis van het heelal mee – inderdaad: zo’n mini-deeltje dat in de kern van elk atoom te vinden is. Proton zit op een gegeven moment bijvoorbeeld in een spinnenweb in de stal en maakt Jezus’ geboorte mee. Oer is zo’n boek waarbij je van tijd tot tijd in de lach schiet of een traan voelt opwellen. Een boek om in een ruk uit te lezen.

Corien, mensen kennen je van kinderboeken en van bijbelverhalen als de Babybijbel en de Jeugdbijbel van het Nederlands Bijbelgenootschap. Oer gaat over geloof en wetenschap en over de kwestie van schepping of evolutie. Daarover schreef je eerder Het geheime logboek van topnerd Tycho. – Waar komt je fascinatie voor dit onderwerp vandaan?

‘Ons gezin heeft lang in Indonesië gewoond en onze jongens gingen in Jakarta naar een niet-christelijke school. Daar kwamen ze uiteraard in aanraking met de evolutietheorie, op een heel andere manier dan ik vroeger. En ik zat met de vraag: wat geloof ik zelf eigenlijk? Ik had die vragen te lang weggedrukt, ik was er bang voor: ging je niet een grens over als je zou gaan geloven dat de evolutietheorie klopt? Een aantal jaar geleden interviewde ik voor het blad Eva Cees Dekker, een christelijke natuurwetenschapper. Ik vond het verfrissend en bevrijdend om iemand zo enthousiast te horen vertellen over het ontstaan van het heelal, over de evolutie én over God. Wat zou het cool zijn om samen met Cees een kinderboek te schrijven, dacht ik. Een boek waarin we kinderen en jongeren kunnen laten zien dat geloof en wetenschap geen tegenstellingen zijn, maar harmonieus kunnen samengaan.’

Je komt uit een gereformeerde familie. Gereformeerden vatten veel verhalen uit de Bijbel letterlijk op. Gold en geldt dat ook voor jou?

‘Dat gold wel een beetje voor mij, ja. Ik weet nog hoe ik me ernstig zorgen maakte toen ik op school hoorde dat de tweede brief van Petrus waarschijnlijk niet door Petrus geschreven was. Ik zag het hele fundament van mijn geloof al instorten, haha! En als ik moeite had met een sprekende slang of een sprekende ezel, moest ik dat van mezelf wegduwen. Inmiddels ben ik daar een stuk relaxter in geworden. Ik geloof dat je de bijbelboeken moet lezen zoals ze bedoeld zijn: sommige gedeelten als kunstproza (Genesis 1 bijvoorbeeld), andere als voorbeeldverhaal (Job) of juist als ooggetuigenverslag (de evangeliën). Waarbij je dan ook nog rekening moet houden met de tijd waarin de boeken geschreven zijn en het doel dat de schrijvers daarmee hadden.’

Heeft het schrijven van Oer en het eerdere boek over Tycho je kijk op de Bijbel beïnvloed?

‘De krampachtigheid waarmee ik vroeger de Bijbel las is verdwenen. Ik heb op een andere manier leren kijken naar die belangrijke eerste hoofdstukken uit de Bijbel. Dat geeft veel lucht.’

Welke waarde heeft het scheppingsverhaal uit de Bijbel nog, als je alles vanuit de wetenschap wilt verklaren?

‘Het bijbelse scheppingsverhaal heeft enorm grote waarde. Het vertelt ons dat we hier niet bij toeval zijn, dat er een God is die alles gemaakt heeft, die de aarde vol zorg heeft ingericht als een plek waar mensen en dieren kunnen leven, over Gods bijzondere liefde voor de mensen, over zijn opdracht aan hen. Het vertelt ons eigenlijk allerlei dingen die de wetenschap ons niet vertelt.’

Je beschrijft hoe vreemd het is dat de Schepper zijn schepping zelf binnenstapt. Eerst als figuur al wandelend met het eerste mensenpaar, later in de persoon van Jezus. Het is zó onwaarschijnlijk inderdaad. Geloof je het zelf?

‘Ik merkte bij het schrijven dat het me zelf weer ontroerde, dat het nog dieper tot me doordrong hoe bijzonder het is dat de Schepper van het heelal zich bekommert om levende wezens op een kleine planeet. God werd concreter, maar ook nog veel groter en liefdevoller, in mijn gevoel. Hij kwam dichterbij.’

Tegenwoordig wordt elk menselijk gedrag (ook bijvoorbeeld discriminatie, ook hoe altruïstisch of egoïstisch we zijn) verklaard uit ‘evolutionair oogpunt’. Ga je daarin mee of stuiten dat soort evolutionaire verklaringen je tegen de borst?

‘Ik denk zeker dat er veel evolutionair bepaald is in het menselijk gedrag. Het kan best zijn dat discriminatie bij ons vanuit de evolutie is ingebakken: zorgen dat je eigen familie overleeft. Maar de Bijbel leert je een andere weg: heet de vreemdeling welkom, houd van de ander net zoals van jezelf, aanvaard elkaar zoals Jezus jou aanvaard heeft.’

Volgens Genesis 3 en volgens Paulus (Romeinen 5:12) kwam de dood door de zonde in de wereld. Dat botst met de modern-wetenschappelijke opvatting in Oer (bv. op pagina 66): dieren en mensachtigen doodden elkaar, al voordat het eerste mensenpaar (in het boek Womuntu en Maisha genoemd) op het toneel verschenen. Hoe los jij die botsing op?

‘De dood was al heel lang in de wereld. Ik geloof niet dat er een paradijselijke toestand is geweest waarin de dood niet bestond, dat staat ook niet in de Bijbel. Ik denk dat het bij Genesis 2-3 laat zien dat de mens niet meer had hóeven sterven, maar dat hij door naar God te luisteren eeuwig leven had kunnen ontvangen. En dat de dood in die zin een gevolg is van de zonde van de mens.’

Is de Bijbel volgens jou een menselijk geschrift of Gods Woord?

‘Ik zie de Bijbel als Gods Woord, opgeschreven door mensen die hun eigen tijd, cultuur, denkwereld en kennis meenamen. De Bijbel is geen geschiedenisboek zoals wij dat in onze tijd zouden schrijven, en ook geen wetenschappelijke verhandeling. Het is het boek waardoor we God en Jezus leren kennen – en dat is nogal wat! Het laat ons zien waar we vandaan komen, hoe veel God van ons houdt: zo veel dat hij zelf zijn schepping instapte om ons te kunnen redden. Ik lees in de Bijbel hoe God de samenleving bedoeld heeft: als een plek waar iedereen veilig is, waar mensen om elkaar geven. Ik lees hoe Gods Geest ook vandaag nog bij ons is en ons helpt, ik lees over een leven dat doorgaat ook ná het sterven, en over een nieuwe wereld die beter wordt dan ik me ooit zou kunnen voorstellen.’

Hoe was het om in dit boek van iets wat door heel slimme mensen onderzocht en uitgedacht wordt, een vertaalslag te maken naar de ‘gewone lezer’?

‘Dat was geen probleem, want ik ben zelf ook een gewone lezer, haha! De uitdaging was om die wetenschappelijke stof zelf te begrijpen. Gelukkig zijn Cees Dekker en Gijsbert van den Brink er heel goed in om dat soort stof behapbaar te maken. En we moesten er natuurlijk een aansprekend verhaal van maken. Wat nog best lastig is als je een hoofdpersoon hebt die in het begin helemaal niks kan zien, maar die ook zichzelf niet kan voortbewegen.’

Het boek vliegt de winkel uit – waarom vinden wij mensen het zo belangrijk om het mysterie van het ontstaan van de aarde te ontrafelen?

‘De Big Histories zijn behoorlijk populair, dat kan het succes mede verklaren. Maar het is natuurlijk ook superinteressante materie. Het is fantastisch om iets meer inzicht te krijgen in de wonderbaarlijke manier waarop het heelal en het leven zijn ontstaan, en om te zien hoe mooi dat past in het grote verhaal van God.’

Voor wie is dit boek niet geschikt? En voor wie juist een aanrader?

‘Wetenschappers of theologen zou ik eerder het boek En de aarde bracht voort van Gijsbert van den Brink of Geleerd en gelovig van Cees Dekker aanraden. Oer is een aanrader voor iedereen die denkt: hoe kan dat nou, in de Bijbel lees ik dat God alles in zes dagen gemaakt heeft, en in de krant lees ik over miljarden jaren. Of voor een ouder die ziet dat zijn of haar kinderen leren over de evolutietheorie en die zich afvragen wat ze daarmee moeten, hoe zich dat verhoudt tot de Bijbel.’

Precies … er zijn zat tieners die vinden dat God toch eigenlijk niet kan bestaan, want ja, de wetenschap heeft natuurlijk wel gelijk en de Bijbel dus niet. Helpt Oer daarbij?

‘We hebben expres 15-plussers als doelgroep genomen, zodat het boek ook toegankelijk is voor jongeren. Oer kan jongeren die zo denken helpen. Het is typisch zo’n boek dat ik vroeger zelf graag had willen lezen. Ik zou er echt iets aan gehad hebben.’

Vind hier meer informatie over Oer.
Lees van Corien Oranje ook deze blog.

Dit bericht is geplaatst op woensdag 22 juli 2020
Door deze website verder te gebruiken ga je akkoord met plaatsing en gebruik van cookies door het NBG en derden conform onze privacyverklaring.[bericht verbergen]