Lees maar, er staat niet wat er stond

Jacobine Geel

‘Lucht en leegte, zegt Prediker, lucht en leegte, alles is leegte.’ Deze openingswoorden uit het intrigerende bijbelboek Prediker zorgden bij het verschijnen van de NBV in 2004 voor een kleine sensatie. Waar was de ijdelheid gebleven, waar het najagen van wind?

Nooit eerder hadden we ons zozeer gerealiseerd dat we zinswendingen die toch ook ooit gewoon een (goed gevonden) vertaling waren geweest zelf bijna als brontekst waren gaan beschouwen. De lucht-en-leegtecasus maakte in één klap zichtbaar én voelbaar wat de betekenis is van vertalen, en dat die betekenis oneindig veel verder gaat dan een poging oude teksten weer eigentijds te laten klinken. We ontdekten hoezeer gehechtheid aan bepaalde woorden en uitdrukkingen bijna het zicht kan ontnemen op de betekenis van wat er staat, en hoe belangrijk het daarom is om van tijd tot tijd opnieuw te vertalen, terug te keren naar de oorspronkelijke tekst en te lezen met nieuwe ogen. We ontdekten dat vertalen moed vraagt, moed om tegen het sentiment van de vertrouwdheid in te durven gaan, en juist daardoor lezers wakker te maken voor wat de schrijver met zijn woorden bedoeld zou kunnen hebben. Met als mogelijk effect dat we onze opvattingen over de bedoeling van een tekst of de opvattingen van de schrijver ervan soms zelfs drastisch moeten herzien. Met een variant op de beroemde regel uit het gedicht ‘Awater’ van Martinus Nijhoff: lees maar, er staat niet wat er stond.

Ook de vertaling uit 2004 was inmiddels aan herziening toe. De NBV21 ziet het licht. En opnieuw trekt het bijbelboek Prediker de aandacht. Minder sensationeel, dit keer, minder onmiddellijk in het oog springend. Maar in zijn effect minstens zo fundamenteel. Dit keer komt dat niet in de eerste plaats doordat vertrouwde woorden anders vertaald zijn; er zijn kleine stenen verlegd in de loop van de tekst. Door de toevoeging van een paar aanhalingstekens leren we als lezer ineens een andere Prediker kennen dan die van de aforistische beweringen, die mensen in het algemeen, maar met name vrouwen niet heel hoog heeft zitten. De Prediker blijkt een mens die met zichzelf in gesprek is, die wat hij ooit beweerde opnieuw tegen het licht houdt en op waarde schat. En die daardoor soms tot een andere slotsom komt. Leek het er in de vertaling van 2004 nog op dat de Prediker eigenlijk wanhoopte aan de mogelijkheid ooit een rechtschapen vrouw tegen te komen, nu moet hij toegeven dat dat slechts een vooroordeel was. Het echte probleem is niet dat vrouwen niet rechtschapen zouden zijn, maar dat mensen geneigd zijn het verkeerde te doen. In de woorden van de Prediker (hoofdstuk 7:29): ‘Het enige wat ik vond is dit: de mens is door God rechtschapen gemaakt, maar altijd weer kiest hij de verkeerde wegen.’ Geen inzicht waar een mens direct van opknapt. Maar desondanks een vertaling waar een vrouw vrolijk van kan worden.


Drs. Jacobine D.C. Geel is theologe, televisiepresentatrice en columniste.


Bronvermelding

Jacobine Geel, ‘Lees meer, er staat niet wat er stond’ in: Met Andere Woorden 40/2 (oktober 2021), 50-51.