God en mijn geliefde zoon

Door Peter Veldman

Het was 04.00 uur op woensdagochtend 24 februari toen ik de schrik van mijn leven kreeg. ‘Peter, ik denk dat het gaat gebeuren!’ hoorde ik naast me. Ik sprintte naar de kamer naast ons, pakte alle documenten met punten die ik absoluut niet mocht vergeten en begon haastig alles door te lezen alsof ik nog 15 minuten had voor mijn eindexamen. De bevalling ging beginnen!

Een uurtje later zaten we in de auto naar het ziekenhuis. Achter het stuur nam ik nog even alle stappen door die ik bij de bevalcursus had geleerd om mijn vrouw zo goed mogelijk bij te staan. Daarnaast schoten nog de woorden ‘geniet ervan’ door mijn hoofd. Ook geleerd bij de bevalcursus 😉 Eenmaal in het ziekenhuis bleek al gauw dat genieten het laatste was waar ik aan dacht. Ik vond het verschrikkelijk om mijn vrouw met zoveel pijn te zien. Gelukkig ging de tijd redelijk snel en waren we om 16.10 uur getuigen van het grootste wonder uit ons leven. De geboorte van onze zoon Joël.

Nieuwe blik

De volgende ochtend mochten we naar huis. Voor het eerst met z’n drieën in de auto en voor het eerst met z’n drieën thuiskomen. Hoe kan zo’n kwetsbaar en klein mannetje je hele leven op z’n kop zetten? Ik merkte aan mezelf dat ik flink moest wennen aan alle veranderingen in mijn ‘nieuwe leven’. Veranderingen die ik van tevoren had kunnen bedenken, maar ook veranderingen die ik niet helemaal zag aankomen. Een van die onverwachte veranderingen was mijn kijk op de Bijbel. Ik merkte dat ik mezelf veel meer in bepaalde verhalen kon verplaatsen. Het ging meer leven! Je zou het misschien niet denken, maar een van die verhalen waarmee dat gebeurde, was het paasverhaal. Het verhaal dat ik bijna sinds ik zelf een baby was ieder jaar opnieuw weer hoorde of las.

Met vaderogen

Ik weet nog dat ik dit jaar met Pasen Matteüs 27 las. Eenmaal bij vers 27 aangekomen, werd ik enorm geraakt. Ik las het volgende:

27 De soldaten van de prefect namen Jezus mee naar het pretorium en verzamelden de hele cohort om hem heen. 28 Ze kleedden hem uit en deden hem een scharlakenrode mantel om, 29 ze vlochten een kroon van doorntakken en zetten die op zijn hoofd. Ze gaven hem een rietstok in zijn rechterhand en vielen voor hem op de knieën. Spottend zeiden ze: ‘Gegroet, koning van de Joden,’ 30 en ze spuwden op hem, pakten hem de rietstok weer af en sloegen hem tegen het hoofd. 31 Nadat ze hem zo hadden bespot, trokken ze hem de mantel uit, deden hem zijn kleren weer aan en leidden hem weg om hem te kruisigen.

Matteüs 27:27-31

Al die jaren was ik heel erg gefocust op Jezus. De enorme hoeveelheid pijn die Hij had en de strijd die Hij moest leveren voor ons, zodat wij eeuwig konden leven! Maar dit jaar merkte ik dat mijn focus was verschoven naar God de Vader. Ik kon mezelf opeens een heel klein beetje verplaatsen in het feit hoe verschrikkelijk het is om jouw eigen zoon zo te zien lijden. Opeens schoot door mijn hoofd: ‘Wat als dit Joël was geweest?’ Ik werd misselijk bij de gedachte… Tegelijkertijd ervoer ik een warm gevoel. Een enorme liefde. Want wat moet God ontzettend veel van ons houden als Hij dit voor ons overheeft. Ik kon en kan nog steeds niet bij die gedachte! Wat een onbeschrijflijke liefde.

Geliefd kind

Bij het schrijven van deze blog moest ik terugdenken aan een moment eerder op de avond. Vlak voordat Joël ging slapen bad ik zachtjes of God hem vannacht weer zou beschermen tegen het kwaad en hem een goede nacht wilde geven. Ik bleef nog even naast hem liggen totdat hij in slaap was gevallen. Terwijl ik weg wilde lopen keek ik nog even naar hem en schoot de gedachte door mijn hoofd dat God op ditzelfde moment net zo liefdevol naar mij en jou kijkt als ik naar de slapende Joël. Mijn geliefde kind.

Peter Veldman is online marketeer en heeft gewerkt voor het NBG.

Dit bericht is geplaatst op zondag 13 juni 2021