Fundament en hoeksteen.

Dr. Meindert Dijkstra

De bouwkunst heeft door de eeuwen heen onze taal verrijkt met aan de bouw ontleende metaforen als ‘fundament’ en ‘hoeksteen’. Het zijn bekende termen. Maar wat zit er precies achter?

‘Er is een tijd om af te breken en een tijd om te bouwen,’ zegt Prediker in zijn wijsgerige overwegingen, waarmee hij de wisselvalligheid van het menselijk bestaan heeft beschreven (Prediker 3:3). En zo is het. Het gemiddelde huis in Palestina had na de hete zomer, waarin er scheuren in de muren kwamen, groot onderhoud nodig om de zware regens in het najaar en in de winter te kunnen doorstaan. Vaak werd na de eerste regenval, die de beraping (muurbedekking met kalk of leem) en de kleilaag op de daken weer zacht maakte, het dak opnieuw aangerold met een grote, zware rolsteen en de muren met een kleine roller. Beide voorwerpen zijn bij opgravingen teruggevonden (zie afbeelding 1). Zo’n kleine roller werkt eigenlijk op dezelfde manier als onze schuimplastic verfroller. In de Ugaritische legende van Aqhat, de zoon van de Kanaänitische koning Daniël, hoopt deze koning een zoon te krijgen die zijn dak op een regenachtige dag aanrolt.1

NBV, Prediker 3:3

3Er is een tijd om te doden

en een tijd om te helen,

een tijd om af te breken

en een tijd om op te bouwen.

ID: block_5d68cc452f6bd

Voor een aardige impressie van dit permanente onderhoud, zie Margreet L. Steiner & Bart Wagenmakers, We graven hier niet de Bijbel op! De Nederlandse opgraving Tell Deir Alla (1960-1967), Leiden 2018, 141-143.