De herrie tot zwijgen brengen

Door Tineke Bol-Drieenhuizen

Vrijdag is mijn vrije dag. Heerlijk, dan kom ik er eindelijk aan toe om de was op te vouwen en wat op te ruimen of schoon te maken in huis. Daar kan ik eigenlijk wel van genieten, een beetje fysieke bezigheid. Maar wacht, ik moet ook nog een stukje schrijven voor de nieuwsbrief van de kerk en zaterdag moet er een filmpje klaar zijn met het kindermoment voor zondag. En ik ben er nog steeds niet aan toegekomen om op internet te zoeken naar nieuwe kleren voor de kinderen, dat kan ik ook mooi even doen nu er niemand om me heen loopt.

Het duurt niet lang, of het to-do-lijstje voor mijn vrije ochtend is langer dan het lijstje voor een gewone werkdag. Maar als ik om half negen thuiskom nadat ik de kinderen op school gedropt heb – want dat doe je tegenwoordig – ga ik eerst maar even zitten. Dat mag toch ook, als je vrij bent? Eerst eens kijken of de NOS nog iets te melden heeft.

Ergens in mijn hoofd zit nog een punt dat ik aan het to-do-lijstje zou willen toevoegen. Het zou toch mooi zijn om deze vrije ochtend te gebruiken om eens rustig in de Bijbel te lezen en daar eens wat meer tijd aan te kunnen besteden? Ik zit nu toch met mijn mobiel in mijn handen, dus ik kan net zo goed de app Mijn Bijbel openen. Van de NOS word ik in ieder geval niet vrolijker.

Ik zoek een tekst op, en het lukt om me eraan over te geven. Maar dan zie ik dat het al 11 uur is! En ik heb nog helemaal niets gedaan! Snel pak ik mijn emmertje sop en ga aan de slag. Wat is dat toch altijd, waarom ga ik eerst zitten niksen, en moet ik dan daarna haasten om al die taken nog af te werken? Was ik maar meteen begonnen, dan was ik nu al een stuk verder met opruimen en soppen. En eigenlijk heb ik daar ook geen tijd voor, want ik moet dat stukje voor de nieuwsbrief wel schrijven voordat de deadline verstrijkt. Op mezelf mopperend plens ik net iets teveel water over de vloer, ook dat nog …

Dan opeens hoor ik in mijn hoofd een liedje van vroeger, van Elly en Rikkert: ‘Marta, Marta, zet je bezem neer, al dat werken komt een andere keer.’

Het deuntje zet me stil. Moet je nu eens nagaan. Ik ben boos op mezelf omdat ik mijn tijd heb zitten te verdoen aan… aan… ja, aan bijbellezen! Hoe kan het dat ik dat niet op waarde schat? Hoe ging die tekst ook alweer over Marta en Maria?

‘Toen ze verder trokken ging Hij een dorp in, waar Hij gastvrij werd ontvangen door een vrouw die Marta heette. Haar zus, Maria, ging aan de voeten van de Heer zitten en luisterde naar zijn woorden. Maar Marta werd helemaal in beslag genomen door de zorg voor haar gasten. Ze ging naar Jezus toe en zei: ‘Heer, kan het U niet schelen dat mijn zus mij al het werk alleen laat doen? Zeg tegen haar dat ze mij moet helpen.’ De Heer zei tegen haar: ‘Marta, Marta, je bent zo bezorgd en je maakt je druk over zoveel dingen. Er is maar één ding noodzakelijk. Maria heeft het juiste gekozen, en dat zal haar niet worden ontnomen.’

Lukas 10:38-42 NBV21

Dat zal haar niet worden ontnomen … Ik denk aan mijn ijver om het huis aan kant te krijgen. Op zich heerlijk als alles opgeruimd is. Maar ik zie het al voor me: heb ik net het hele huis gestofzuigd, komen de kinderen thuis uit school. Ze hebben in de zandbak gespeeld, en ik snap wel waarom er eens in de zoveel tijd nieuw zand in die zandbak gestort moet worden. Na het handen wassen eten ze lekker een boterham, met gekleurde hagelslag. Ze genieten ervan, in ieder geval van dat deel dat in hun mond terechtkomt. De rest ligt onder de tafel.

Even later gaat een beker limonade om. Gelukkig heb ik net de was opgevouwen en ligt er een verse stapel handdoeken in de kast. Ik trek er een paar tevoorschijn om de boel op te dweilen. Als ik de lappen in de wasmand gooi, verbaas ik me over de inhoud daarvan. Ik had hem toch net leeggemaakt?

Mijn harde werken, lucht en leegte lijkt het. Ach, helemaal voor niks is het ook weer niet, maar levert het iets op dat me niet meer zal worden ontnomen?

Ik besef dat ik me nu heel erg beperk tot huishoudelijke taken. Misschien herken je het, maar als je je daar niet zo druk over maakt, dan zijn er vast wel andere dingen die je helemaal in beslag kunnen nemen, waar je bezorgd over bent en waar je je druk over maakt. Echt heus wel dingen die ertoe doen. Maar ze veroorzaken zoveel herrie in je hoofd.

Tijdens de Stille Week, begin dit jaar, deden we de volgende challenge: lees twee keer het verhaal over de intocht van Jezus in Jeruzalem. De eerste keer juichen alle gezinsleden tijdens het voorlezen, de tweede keer is iedereen stil. Wat heb je geleerd over stilte?

Onze oudste zoon las de tekst uit Matteüs, de rest maakte lawaai. Nou, niet iedereen. Onze jongste zoon keek iedereen verbaasd aan, en toen het maar doorging riep hij wat verstoord: ‘Ik kan het niet horen!’ Ik zal je toegeven dat het toen pas tot me doordrong wat het doel van deze challenge was. Als die herrie niet stopt, dan kan ik niet horen wat de boodschap is. Dan blijf ik onbekend met wat me niet ontnomen zal worden.

Ik bid dat we, net als toen in Stille week, de herrie tot zwijgen kunnen brengen. Zelfs de herrie van heel belangrijke taken. Ik bid dat we aan de voeten van de Heer gaan zitten en luisteren naar zijn woorden. En dat we ook nu, ruim na Pasen, niet alleen horen, maar ook zien en beseffen wat het is dat ons niet ontnomen zal worden.

Tineke Bol-Drieenhuizen
Redacteur bij het NBG

Dit bericht is geplaatst op donderdag 29 juli 2021